Toveren aan de KULeuven

14 01 2009

Binnen vijf jaar zal de KULeuven een universiteit zijn met 21 campussen in 11 Vlaamse steden, van Brussel over Antwerpen tot Turnhout en Torhout. “’Bovenal een economisch manoeuvre’, zo noemde Geert Buelens het plan van de KULeuven  (…) Buelens had het daarbij over imperialisme en diplomadevaluatie. ‘Terwijl überrector Oosterlinck alleen denkt in termen van ‘groter’ en ‘meer’ houden zijn student hem een andere economische wet voor. Die van de schaarste. Als straks half Vlaanderen een KULeuvendiploma heeft, devalueert hij daarmee alleen zijn eigen merk.” Een antwoord van André Oosterlinck bleef niet uit. Buelens voorziet de rector wederom van een repliek.

“Zo kennen we überrector Oosterlinck weer: wie vragen heeft bij het door hem gevoerde beleid heeft er niets van begrepen en kan rustig afgeblaft worden zonder op de grond van de zaak in te gaan. (…) Het punt is dus niet dat ik het decreet niet zou kennen (…) maar dat ik vragen heb bij de uitgangspunten en de concrete uitwerking ervan. Het meest verbluffende is natuurlijk dat Oosterlinck de kern van het debat miskent: ‘De vraag van collega Buelens ‘of de hogeschoolopleidingen die de KULeuven nu usurpeert wel van universitair niveau zijn’, is zonder voorwerp.’ Daarmee wordt de universiteit dus zoiets als een modern kunstwerk: ‘Het is een universiteit, omdat ik ze zo noem’. En door een simpel wilsbesluit bezitten alle studenten van die hogescholen plots ook allemaal een academische geest en instelling. Tovenarij! Ik ben benieuwd of de klagende KULeuvenstudenten die hun diploma gedevalueerd zien ook betoverd geraken door die redenering.

Schaamteloos is dan weer de manier waarop Oosterlinck een citaat van de nieuwe Antwerpse rector inzet om zijn eigen regionalisme goed te praten. Jarenlang al gaat hij geen kans uit de weg om te sneren dat de universiteiten van Antwerpen en Brussel eigenlijk te klein zijn. Maar nu heet hij plots een voorstander van ‘bachelors onder de kerktoren’. Meer nog: hij beweert daardoor de inderdaad broodnodige instroom van allochtonen te gaan bevorderen. Dat is cynisme ver voorbij. De integratie van die groepen studenten zal in hoge mate moeten gebeuren via studies als rechten, geneeskunde en toegepaste economische wetenschappen, maar die kan Oosterlinck in Geel en Roeselare niet aanbieden. Als hij die ernstig meen, zou Oosterlinck moeten pleiten voor extra middelen voor Antwerpen en Brussel, want dat zijn de steden met de belangrijkste migrantenbevolking. Dat de hogescholen zelf voor de associatievorm gekozen hebben, geloof ik graag. Dat dit, zoals Oosterlinck suggereert, impliceert dat er van imperialisme geen sprake kan zijn overtuigt me veel minder. België is ook niet onder Amerikaanse militaire bedreiging lid geworden van de NAVO. Het deed dat zogenaamd uit vrije wil, maar vooral in het volle besef dat het in de Koude Oorlog enkel kon overleven door zich onder hoede van de VS te plaatsen. Als Oosterlinck het debat binnen zijn associatie met evenveel openheid en eerlijkheid voert, dan kan ik de leden van die associatie alleen maar veel sterkte toewensen.”

Bron: De Morgen 25/09/2008 en 27/09/2008





Kids@risk

14 01 2009

Vijftien procent van de jongeren hapert op de weg naar volwassenheid. Bij 70.000 jongeren loopt het echt uit de hand. De reeks Kids@risk in De Morgen ging dieper op de problematiek in. Zo wees journalist Filip Rogiers op de zware lasten die soms op de jonge schouders rusten, maar ook op de veerkracht van die schouders. In een opiniestuk in diezelfde krant schrijft Vlaams minister van Onderwijs Frank Vandenbroucke over het belang van de leraar en de school om jongeren warme cultuur en sterke structuur te bieden.

“Met Kids@risk bracht De Morgen een indrukwekkende reeks. Ze liet een deel van de Vlaamse jeugd zien vanuit een niet-traditionele invalshoek: vanuit zichzelf en degenen die dicht bij hen staan. Doorgaans kijken we naar jonge mensen vanuit het perspectief van de gevestigde samenleving en beoordelen we hen vanuit wat in ‘onze’ wereld wenselijk en redelijk is. De reeks was ook interessant omdat ze de aandacht vestigt op cruciale sleutels voor gelijke kansen die niet materieel zijn. De antwoorden die naar voren komen, zijn moeilijk te vatten in wetten, decreten of budgetten. Ze zijn eerder een zaak van cultuur. We zijn zo druk bezig met teksten en centen dat we vergeten dat het immateriële vaak belangrijker is dan het materiële.

De jongeren die aan bod kwamen, leken ten prooi gevallen aan vertwijfeling. Velen missen houvast in een complexe, nerveuze wereld. Die wereld neemt ook met kracht het schoolplein in. Er gaat inderdaad ‘exponentieel veel meer om op school dan twintig of dertig jaar geleden’. (…)De reeks is leerrijk om te begrijpen cruciaal de taak van leraren vandaag is. Leerlingen ervaren druk, vaak veel druk. Er is minder sociale controle, minder steun uit hun onmiddellijke omgeving. Dat maakt van de school een veel complexere habitat dan enkele decennia geleden. Het is een van de uitdagingen van de huidige scholen, vooral maar niet enkel van de secundaire scholen, om in zo’n turbulente context toch resultaten te blijven boeken.

De klim op de onderwijsladder is niet voor alle jonge mensen vanzelfsprekend. Voor velen onder hen zijn de sporten, ook onderaan op de ladder, te ongelijk of te hoog om ze vlot te nemen. Dus moeten ze afstappen, een alternatief bedenken of aangereikt krijgen om over de moeilijkere stukken van de klim te geraken. Dat kan de school als de louter kennisfabriek die ze vroeger was, niet realiseren. De school moet vandaag veel methodieken uit de welzijnswereld inzetten. (…) Wat doen wij eraan om tegemoet te komen aan zorgen van leerlingen en zo de broodnodige pedagogische rust tot stand te brengen? Mijn voorgangster zette zich al in voor zorguren in de basisschool. Wij hebben die inspanningen versterkt. Kinderverzorgsters in de kleuterschool, zorgcoördinatoren in de basschool, meer GOK-uren in het hele leerplichtonderwijs om ieder kind de kansen te geven waarop het recht heeft. Spijbelbeleid, uitbreiding van time-out en herstelgericht opvoedingsprojecten (Hergo). Inspanningen voor internaten. Brugprojecten, voortrajecten en persoonlijke ontwikkelingstrajecten voor wie bij het deeltijds leren nog niet aan werken toe is. Onze inspanningen voor leerzorg, gesprekken die we voeren over de profilering van de centra voor leerlingenbegeleiding (CLB’s), het decreet dat we willen uitvaardigen over ouderenengagement (…) dienen allemaal hetzelfde doel. Aan sommige problemen zijn we nog niet echt toe, zoals hoe we moeten omgaan met de echt ‘niet-schoolbare’ jongeren. Alle indicatoren geven aan dat de werelden van welzijn en van onderwijs meer moeten samenwerken. De school kan van de jeugdbeweging leren waar veel jongeren wel graag toeven. Welzijnswerkers en onderwijsmensen moeten samen zorg dragen voor het traject van vele leerlingen. (…)

Het juiste midden vinden tussen vertrouwen geven, rust brengen, waardering tonen en inspanning vragen: dat is de warme en sterke cultuur die ik van scholen verwacht. Het in Kids@risk genoemde Afrikaanse gezegde parafraserend dat je een heel dorp nodig hebt om jongeren op te voeden, moet je vandaag stellen that it takes a whole school to raise a child. Wat een reusachtige maar fantastische doelstelling.”

Bron: Frank Vandenbroucke in De Morgen 25/09/2008





Een maximumfactuur is niet zonder gevolgen

19 09 2008

De nieuwe maximumfactuur in het onderwijst legt vast dat ouders van kinderen in het kleuteronderwijs en het lager onderwijs jaarlijks respectievelijk niet meer dan 20 en 60 euro mogen betalen. Voor meerdaagse uitstappen bestaat er een ‘minder scherpe’ maximumfactuur. Zo mogen in de lagere school de kosten voor de hele periode van zes jaar maximaal 360 euro bedragen.

Maar liefst 133 van de 248 scholen antwoorden volmondig ‘ja’ op de vraag of er komend schooljaar activiteiten geschrapt zullen worden. Een op de vijf laat weten dat het zwemmen gereduceerd zal worden. Daar waar kleuterzwemmen gegeven werd, vervalt het vaak. Op andere plaatsen loopt het aantal zwembeurten in het lager terug naar één per maand en in sommige gevallen wordt er in het vijfde en zesde helemaal niet meer gezwommen. Dat hoeft strikt genomen ook niet, aangezien de eindtermen op dat moment al bereikt zijn. Voor de rest zijn het vooral meerdaagse arrangementen en de niet-educatieve schoolreizen die sneuvelen. Scholen die het aantal activiteiten niet verminderen, laten in vele gevallen weten aanpassingen te doen aan hun schema. Theatergroepen worden op school uitgenodigd, sportdagen worden niet langer buitenshuis gehouden en pretparken worden vervangen door speeltuinen op fietsafstand.” Dit wil echter niet zeggen dat scholen de maximumfactuur niet nodig vinden. “Twee derde is overtuigd van het nut van zo’n maatregel. Alleen ligt het bedrag duidelijk te laag, zo vindt 75 procent. Zeker bij de kleuters komen veel scholen niet rond met 20 euro”.

Volgens het kabinet Onderwijs is er echter niets aan de hand. “De scholen krijgen dankzij het nieuwe financieringssysteem meer werkingsmiddelen die aangewend kunnen worden om bij te passen”, klinkt het daar. “Dat volstaat echter niet voor Valère Dekens, woordvoerder van de Organisatie Directeurs Vlaams Basisonderwijs. ‘De minister heeft het afgelopen jaar ongeveer alles afgewenteld op die extra middelen’. (…) Bovendien worden die middelen deels verdeeld op basis van de schoolpopulatie. Scholen met meer kansarme kindere krijgen meer geld. ‘De bedragen lopen erg uiteen’, aldus Dekens. ‘De ene school krijgt 60 euro per leerling, de andere meer dan 200 euro. Dat verschil is groot’”.

Bron: De Morgen 28/08/2008





School-in-Zicht versus concentratiescholen

19 09 2008

Terwijl Antwerpen-Noord en Borgerhout steeds meer autochtone en middenklassegezinnen aantrekken, blijven de locale scholen vaak volledig bevolkt door allochtone kinderen. Zo vallen maar liefst 23 van de 24 basisscholen in de buurt onder de noemer ‘concentratieschool’. ‘”Wij willen er opnieuw buurtscholen van maken”, vertelt Michel Albertijn van School-in-Zicht. “Daarvoor rekenen we op de macht van de grote getallen: veel ouders verzamelen die hun kinderen in groep inschrijven”’. Vele ouders willen hun kind wel naar het plaatselijke schooltje sturen, maar durven niet alleen de stap zetten. “Alles zelf organiseren om in groep in te schrijven is ook niet vanzelfsprekend. Ouders stellen andere prioriteiten en voor je het weet, ligt het groepje uiteen”. School-in-Zicht stellen ouders een aantal scholen voor en ze kiezen volledig zelf. Dit jaar heeft School-in-Zicht 51 kinderen verspreid over vijf scholen kunnen inschrijven. “Die inschrijvingen kwamen er na een speciaal georganiseerde rondleiding. ‘De bedoeling is om het ouders zo makkelijk mogelijk te maken (…) Wij wandelen met hen van school naar school, en elke school krijgt anderhalf uur de tijd om zich te presenteren. De rondleidingen werden een openbaring. (…) Ik heb stuk voor stuk trotse schoolhoofden in sterke scholen gezien. Leuke en beter scholen dan ik verwacht had. Als ik aan vrienden die in de rand wonen, over Suzi’s school vertel, valt hun mond open. (…) Achteraf verteld iemand mij dat didactische nieuwigheden vaak eerst in deze scholen ingevoerd worden”.

Bron: De Morgen 02/09/2008





Schrappen godsdienst/zedenleer kan grondwettelijk niet

19 09 2008

Minister van Jeugd van de Franse Gemeenschap, Marc Tarabella, kwam met het idee om de cursussen godsdienst en levensbeschouwing te schrappen en te vervangen door sport. Zijn collega van Onderwijs, Christian Dupont, zag dit eerst goed zitten. Maar moest hier op terug komen. De grondwet verplicht overheden namelijk in hun onderwijs een keuze tussen godsdiensten of levensbeschouwing aan te bieden. Zou een minister van Onderwijs dit niet moeten weten?

Bron: De Standaard 27/08/2008





Welzijnsschakel Horizon wint diversiteitsprijs Lokeren

27 06 2008

De vzw Welzijnsschakel Horizon die werkzaam is in huiswerkbegeleiding, ontving de diversiteitsprijs 2008 van de stad Lokeren. De vzw helpt zo daadwerkelijk de gelijke onderwijskansen in Lokeren te bevorderen.

De secretaris van de vzw vindt de prijs vooral een erkenning van de ruim dertig vrijwilligers, die zich dag in dag uit in zetten voor onze kinderen en hun gezinnen.

Met de diversiteitsprijs vragen de organisatoren aandacht voor onderwijsinitiatieven rond diversiteit. De werkgroep ‘Beeldvorming en Diversiteit‘ maakte een inventaris van wat Lokerse scholen zoal doen rond diversiteit en gaf drie initiatieven een eervolle vermelding.





Voldoende onderwijzend personeel door focus op aparte doelgroepen

27 06 2008

De Vlaamse regering maakt de komende drie academiejaren een half miljoen euro vrij om mensen uit nieuwe doelgroepen aan te trekken voor de lerarenopleiding. Via diversiteitsprojecten wil ze de instroom bevorderen van onder meer allochtone studenten, studenten uit lagere sociaal-economische milieus en studenten met een functiebeperking.

Daarmee wil ze verhelpen aan een voorspelde arbeidskrapte van het onderwijzend personeel. Onderwijsminister Frank Vandenbroucke (SP.A) wil de diversiteit in het lerarenkorps ook aanzwengelen via speciale projecten waarbij – bijvoorbeeld via laagdrempelige informatie over lerarenopleiding of trajectbegeleiding – onbenut talent moet inzetbaar worden gemaakt.