Lezersbrief HVV in Knack – Over de solidariteit van de christelijke zuil

3 05 2013

In Knack van 10 april beweert Wouter Beke dat het christen-democratisch gedachtegoed ervoor gezorgd heeft dat de Belgen hun eigen school, hun ziekenhuis, hun rustoord kunnen kiezen. Sta mij toe dat toch even te nuanceren. Als het aan de christen-democraten had gelegen, dan was elke school in ons land vandaag katholiek. Het waren – op dat moment – vrijzinnige partijen zoals de socialistische en de liberale partij, die als leeuwen gevochten hebben voor het officieel onderwijs. Als het aan de christen-democraten had gelegen, dan was elk ziekenhuis in ons land katholiek. Dan was de toepassing van het recht op abortus en euthanasie in de praktijk overal in ons land onmogelijk. Laat staan dat de christen-democratie de stemming van de abortus- en de euthanasiewet zou overwogen hebben. Het waren – merendeels – vrijzinnige politici van de andere democratische partijen die gevochten hebben voor die keuzevrijheid. De verbondenheid van de christen-democratie bestaat tot op vandaag vooral in een verbondenheid met de eigen zuil (daarvan getuigt het ARCO-dossier) en met filosofisch gelijkgezinden. Het andere luik van de solidariteit moet nog ‘uitgediept’ worden. Ik wens Innesto daarom alle succes toe!

Björn Siffer, woordvoerder Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging (HVV)





Nieuwe blog

15 04 2013

Beste lezers,

Vanaf heden kan je ons volgen via onze nieuwe blog op blog.hetvrijewoord.nu.





Ierland en Hippocrates

20 11 2012

Het fiere Ierland ontwaakte deze week als een land waar sommige dokters hun patiënten laten sterven omwille van een godsdienst. Savita Halappanavar, een Indiase vrouw uit Galway, mocht dat ondervinden toen haar een abortus werd geweigerd. Nochtans was de foetus die zij droeg niet meer levensvatbaar en vergiftigde hij langzaamaan haar lichaam. De argumentatie van de dokters was even duidelijk als dogmatisch: we horen nog een hartenklop ‘en Ierland is een katholiek land’. Bon, goed dat we dat weten.

Ten gronde moeten we besluiten dat deze artsen hun geloof laten primeren op de Eed van Hippocrates, die zij nochtans hebben afgelegd. In de Eed van Hippocrates (versie juli 2011 van de Orde van geneesheren van België) lezen we: “Ik zal ervoor waken dat mijn houding tegenover patiënten niet beïnvloed wordt door levensbeschouwing, politieke overtuiging, sociale stand, ras, etnie, nationaliteit, taal, gender, seksuele voorkeur, leeftijd, ziekte of handicap.” Het lijkt mij vanzelfsprekend dat ze daar in Ierland ongeveer hetzelfde zweren, ook al gaat het om een symbolische eed. Het lijkt mij alvast gezond te onderzoeken wat het Ierse equivalent van onze Code van Geneeskundige Plichtenleer, die wel bindend is, vertelt over de handelingswijze van de Ierse ‘dokters’. Op de website van de Ierse Medical Council lezen we alvast: “Good medical practice is based on a relationship of trust between doctors and society and involves a partnership between patient and doctor that is based on mutual respect, confidentiality, honesty, responsibility and accountability.” Het respect en de verantwoordelijkheid lijken mij alvast zoek.

God dient voor deze dokters als alibi om mensen de meest dringende medische hulp te ontzeggen en zo tot de dood te leiden. Waar eindigt de godsdienstvrijheid en begint de criminaliteit? De Ierse rechters zullen oordelen.

Björn Siffer, Woordvoerder HVV
Verschenen in De Morgen op vrijdag 16/11/2012





Geboortebeperking in Brussel?

1 10 2012

Brussels Burgemeester Thielemans (PS) deed donderdag tijdens het debat ‘Wij Brusselaars’ een opmerkelijke uitspraak die HVV bijzonder interesseert. ‘Geboortebeperking moet bespreekbaar zijn. Zo veel mogelijk kinderen hebben, is onverantwoord,’ zei de burgemeester.

Dat er rond dit thema nog steeds een taboe heerst, werd meteen duidelijk aan de reacties en aan de gretigheid waarmee de media de uitspraak oppikten in hun verslaggeving. Nochtans zou geboortebeperking wel degelijk een issue moeten zijn. Niet enkel in een verstedelijkte omgeving met een grote demografische druk zoals Brussel, maar wereldwijd. Maar geboortebeperking is toch geen gemeentelijke bevoegdheid? Die vaststelling lijkt even correct als banaal. Want elke gemeente – zelfs de metropool Brussel – heeft het recht om sensibiliseringscampagnes op touw te zetten.

Ook moraalfilosoof Etienne Vermeersch – laureaat van de Prijs Vrijzinnig Humanisme 2011 van HVV – is van mening dat de bezorgdheid van Freddy Thielemans terecht is: “Geen enkele verstandige mens kan tegen geboortebeperking zijn. Ook niet in Brussel, dat op een demografische bom zit. Een onbeperkt aantal kinderen krijgen, is onhoudbaar. Zeker in ons land, waar de ecologische impact 25 keer groter is dan in de derde wereld. Het zijn vooral gezinnen die niet in hun onderhoud kunnen voorzien die veel kinderen krijgen. De godsdienst speelt daar vaak geen positieve rol in.’ zegt Vermeersch in De Standaard. “Dat moet niet repressief gebeuren, zoals in China maar sensibiliserend’, zegt Vermeersch, ‘Singapore is daarin geslaagd, Taiwan ook, de Indiase deelstaat Kerala deed het via het onderwijs aan de meisjes.” gaat hij verder.

De liberale uitdager van Thielemans, Alain Courtois (MR), reageert verbaast, maar deelt toch de bezorgdheid over de overbevolking van Brussel: “Laten we de netwerken aanpakken die mensen naar hier halen die daarna op het OCMW belanden en op de wachtlijst voor een sociale woning.”

Björn Siffer, coördinator Cel Onderzoek HVV





‘Ik ben op zoek naar mijn donor, niet naar mijn vader’.

27 09 2012

Pleidooi voor een tweesporensysteem

In België is het doneren van zaad- en eicellen in principe strikt anoniem, zoals vastgelegd in de wet  op de medisch begeleide voortplanting.

Maar de dagelijkse praktijk – kinderen die vragen naar hun donor –  en de toegankelijkheid tot spermabanken via internet (www.dk@cryosinternational.com) zorgen ervoor dat de anonimiteit niet langer gegarandeerd wordt. Wil dit zeggen dat de wetten aangescherpt moeten worden om koste wat kost de anonimiteit te garanderen?

HVV vindt dat de tijd rijp is om het debat te voeren of de anonimiteit wel gegarandeerd moet blijven. Of bestaat er een andere optie die de ideale oplossing geeft aan de wensen van de drie actoren in dit verhaal: het kind, de ouders en de donor?

Gisteren getuigde en KID-kind (Kunstmatige Inseminatie Donor) in Terzake. Eén uitspraak  viel op: “Ik ben niet op zoek naar mijn vader, wel naar mijn donor”. Met andere woorden: deze vrouw van 30 is op zoek naar haar genetische geschiedenis en die geschiedenis wordt haar bij wet afgenomen. Zelfs gewone fysieke kenmerken, zoals haarkleur, ogen en sociale gegevens zoals opleiding en beroep mag ze niet weten. Nochtans bewijst onderzoek dat een KID-kind niet op zoek is naar een ontmoeting met de donor en niet op zoek is naar een zorgvader. Neen, een KID-kind wil vooral informatie over hoe die genetische ‘vader’ eruit ziet, wat hij studeerde enz. Dit werd nogmaals bevestigd in het gesprek gisteren. Bovendien werd dé grote angst van elke donor weerlegd: bij wet kan vastgelegd worden dat er nooit onderhoudsgeld of andere financiële eisen van de donor kunnen geëist worden. Het juridische luik kan perfect gesloten blijven, tenzij de donor hier zelf van afstapt.

Er werd ook gepraat over de drie actoren in dit verhaal en hun wensen: de wensouder(s), de donor en het kind. In de discussie over de anonimiteit staan de belangen van de verschillende actoren soms lijnrecht tegenover elkaar. Er is vooreerst het belang van het kind, dat om medische of psychologische redenen op zoek is naar zijn verwekker. Verder geldt het belang van de ouders van het kind, die omwille van fertiliteitsproblemen of de afwezigheid van een biologische vader/moeder hun toevlucht hebben gezocht tot kunstmatige bevruchting via een derde, en dit feit in veel gevallen niet aan de grote klok willen hangen. Ten slotte is er het belang van de donoren, die kindloze paren willen helpen met het (anoniem) afstaan van hun zaad- of eicellen. Elke regelgeving omtrent de anonimiteit van donoren moet die belangen zorgvuldig tegen elkaar afwegen, en zo mogelijk met elkaar verzoenen. Alleen wordt er in deze discussie volledig voorbijgegaan aan het gegeven dat het kind de enige acteur in het verhaal is die geen keuze kon maken. En hebben kinderen geen rechten? Ik denk van wel.

Twee bronnen van internationaal recht worden in het debat over donoranonimiteit steeds opnieuw aangehaald. In eerste instantie refereert men aan het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK). Artikel 7 stelt dat ieder kind het recht heeft om, in de mate van het mogelijke, zijn ouders te kennen en door hen verzorgd te worden. Een ruime interpretatie van dit artikel geeft kinderen het recht om op zoek te gaan naar de genetische afstamming. Het IVRK stelt bovendien dat de belangen van het kind steeds de eerste overweging vormen bij maatregelen die kinderen betreffen. Maar er is ook artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), dat het recht op bescherming van het privé-leven waarborgt. Donoren hebben die bepaling al enkele malen ingeroepen om hun  anonimiteit te beschermen. Dit recht is evenwel niet absoluut en kan bijvoorbeeld beperkt worden om de rechten van anderen te doen eerbiedigen. Tot op heden stelde het Europees Hof zich evenwel sceptisch op ten opzichte van die beperking. Maar wat als er een andere uitspraak komt?

Ieder kind stelt zich wel eens de vraag naar zijn afkomst. Die vraag is niet altijd even gemakkelijk te beantwoorden. Kinderen die door hun biologische ouders worden opgevoed, hebben daarover zekerheid. Ook bij adoptie beschikt men tegenwoordig meestal over de mogelijkheid om de identiteit van de biologische ouder te achterhalen. Veel KID-kinderen weten niet eens dat hun ouders niet hun biologische verwekkers zijn. De kans is echter reëel dat zij er door medische gegevens of een ‘verspreking’ zullen op uitkomen dat één van hun ouders niet hun genetische verwekker is. Door het jarenlange beleid van donoranonimiteit zijn zij afgesneden van informatie over hun genetische afkomst.

Ik beseft ook wel dat een radicale afschaffing van de anonieme donatie – de enige manier om alle KID-kinderen dezelfde rechten te geven – niet haalbaar is. Er zou een tekort aan donoren zijn en fertiliteitcentra zullen deze aanpassing van de wet nooit steunen. Daarom lijkt een ‘tweesporenbeleid’ mij een goede oplossing: een anomiem spoor naast een niet-anoniem spoor. Zowel de donor als de wensouder(s) kunnen kiezen. Dit zorgt ervoor dat heel wat donorkinderen wel op zoek kunnen gaan naar het ontbrekende puzzelstukje.

Nog een voordeel van dit beleid is dat er meer kinderen zullen zijn die onderdeel kunnen uitmaken van een onderzoek. En als zo’n onderzoek duidelijk zou stellen dat de angst van de donor, om op een mooie lentedag zijn stoep vol met nazaten te vinden, onterecht is, dan is het misschien toch ooit mogelijk de anonimiteit volledig op te heffen en aan alle kinderen dezelfde rechten te geven. Rechten die hen toekomen!

Jacinta De Roeck, gewezen senator en directeur Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging (HVV)