Ierland en Hippocrates

20 11 2012

Het fiere Ierland ontwaakte deze week als een land waar sommige dokters hun patiënten laten sterven omwille van een godsdienst. Savita Halappanavar, een Indiase vrouw uit Galway, mocht dat ondervinden toen haar een abortus werd geweigerd. Nochtans was de foetus die zij droeg niet meer levensvatbaar en vergiftigde hij langzaamaan haar lichaam. De argumentatie van de dokters was even duidelijk als dogmatisch: we horen nog een hartenklop ‘en Ierland is een katholiek land’. Bon, goed dat we dat weten.

Ten gronde moeten we besluiten dat deze artsen hun geloof laten primeren op de Eed van Hippocrates, die zij nochtans hebben afgelegd. In de Eed van Hippocrates (versie juli 2011 van de Orde van geneesheren van België) lezen we: “Ik zal ervoor waken dat mijn houding tegenover patiënten niet beïnvloed wordt door levensbeschouwing, politieke overtuiging, sociale stand, ras, etnie, nationaliteit, taal, gender, seksuele voorkeur, leeftijd, ziekte of handicap.” Het lijkt mij vanzelfsprekend dat ze daar in Ierland ongeveer hetzelfde zweren, ook al gaat het om een symbolische eed. Het lijkt mij alvast gezond te onderzoeken wat het Ierse equivalent van onze Code van Geneeskundige Plichtenleer, die wel bindend is, vertelt over de handelingswijze van de Ierse ‘dokters’. Op de website van de Ierse Medical Council lezen we alvast: “Good medical practice is based on a relationship of trust between doctors and society and involves a partnership between patient and doctor that is based on mutual respect, confidentiality, honesty, responsibility and accountability.” Het respect en de verantwoordelijkheid lijken mij alvast zoek.

God dient voor deze dokters als alibi om mensen de meest dringende medische hulp te ontzeggen en zo tot de dood te leiden. Waar eindigt de godsdienstvrijheid en begint de criminaliteit? De Ierse rechters zullen oordelen.

Björn Siffer, Woordvoerder HVV
Verschenen in De Morgen op vrijdag 16/11/2012





Open brief aan de heer Léonard

31 05 2012

Beste heer Léonard,

Als lid van de Federale Controlecommissie voor Euthanasie ben ik geschokt door uw uitspraken in DS van woensdag 30 mei 2012. Samen met vele andere mannen en vrouwen bespreken we maandelijks de aangifteformulieren die door de artsen na de uitvoering van een euthanasie ingevuld worden. Formulieren die het toelaten aan elk lid van de commissie, vanuit zijn of haar specialisatie (arts, jurist of specialist in de zorg bij het levenseinde), in detail elk zorgvuldigheidscriterium zoals bepaald door de wet te controleren. En dat deze commissie in volledige transparantie werkt bewijst het verslag. Tweejaarlijks wordt er een gedetailleerd verslag voorgelegd aan de federale kamers. Dit verslag gaat in op elke zorgvuldigheidsvereiste, het geeft duiding bij de patiënt achter die euthanasie, het vertelt over het fysieke en psychische lijden, het spreekt ook over de geraadpleegde tweede of/en derde onafhankelijke arts en diens advies, over de gebruikte producten. En, niet minder belangrijk, de formulieren geven ruimte aan de arts om hun persoonlijke bevindingen neer te schrijven. Niet onbelangrijk omdat een uitgevoerde euthanasie voor een arts een zekere emotie met zich meebrengt.  Het klinkt u misschien vreemd in de oren; maar het bestuderen van deze uitgebreide aangifteformulieren  gebeurt op een weloverwogen en zorgvuldige manier. Natuurlijk zijn er al eens onduidelijkheden of ontbreken er elementen. Natuurlijk wordt er al eens een dossier zorgvuldiger besproken, en natuurlijk wordt er al eens meer uitleg gevraagd aan een arts, zoals de wet trouwens voorziet. Maar uw uitspraken dat we (ik dus) ‘verplicht de ogen moeten sluiten voor praktijken die niet conform de wet zijn’ en dat de commissie (ook ik dus) ‘in het onvermogen is om de toepassing van de wet doeltreffend te controleren’, slaat op niets. Ik raad u aan de tweejaarlijkse verslagen van de commissie eens zorgvuldiger te lezen, of zag u niet dat er in dat verslag extra vermeldingen door artsen (ook katholieke artsen die een bagage aan barmhartigheid bezitten)zijn opgenomen, die aan de leden extra melden hoe sereen alles verliep, hoe innig en mooi het afscheid was rond het bed en hoe vredig er ‘uit het leven gestapt’ wordt. Natuurlijk heeft u gelijk als u zegt dat niet elke vraag om euthanasie ook gerealiseerd wordt omdat er een onderliggende vraag naar (palliatieve) zorg en aandacht kan zijn. Natuurlijk heeft u gelijk dat die palliatieve zorg verder uitgebouwd moet worden zodat die zorg voor iedereen toegankelijk wordt, zeker en vooral ook in de thuissituatie. Maar u heeft geen gelijk als u hardnekkig wilt blijven beslissen voor anderen (patiënt en familie en zorgverlener) in naam van de kerk en  uitgaande van uw ‘grote gelijk’. Er zijn nu eenmaal patiënten die, ondanks de beste goede zorg, voor euthanasie kiezen. Er zijn nu eenmaal familieleden die die vraag van hun geliefde willen en kunnen begrijpen en – al hoort u het niet graag – er zijn zorgverleners die, uitgaande van hun morele vrijheid (ook in de wet bepaald), wel willen ingaan op de vraag van de patiënt. Omdat ze respect hebben voor de wil van die patiënt, en vooral omdat barmhartigheid hen niet vreemd is. Ik verwacht ook van de hoogste instantie in onze kerk datzelfde respect en diezelfde barmhartigheid. En vooral verwacht ik van een prominent lid van de kerk dat die ook als Belgische burger onze wetten respecteert, inclusief de euthanasiewet. Misschien kan de kerk er werk van maken om ook andere praktijken bij het levenseinde zoals palliatieve sedatie even ‘transparant’ te maken als een euthanasie. Misschien is er daar toch iets dat ons bindt: ijveren voor de registratie van een sedatie zodat ook hier gecontroleerd kan worden op correcte uitvoering? En de kern van deze registratie kan dan alvast het feit zijn dat een palliatieve sedatie niet kan zonder overleg met de patiënt of de familie. Iets wat vrij logisch moet zijn voor wie de wet op de patiëntenrechten kent en volgt.

Jacinta De Roeck, gewezen senator en directeur van de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging en lid van de Federale Controlecommissie voor Euthanasie.





Uitbreiding euthanasiewet, ook voor mensen met een verstandelijke beperking

23 04 2012

Ook mensen met een verstandelijke beperking kunnen de maturiteit hebben om te kiezen voor euthanasie

 

“Het Humanistisch Verbond (tegenwoordig HVV: Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging) speelde een zeer belangrijke rol in het tot stand komen van de huidige euthanasiewet.” zegt Jacinta De Roeck, directeur van HVV. “Natuurlijk weet ik dat onze wet niet perfect is. Ik werkte zelf heel actief mee aan die wet. Ik heb altijd al gezegd dat de wet de dementen in de kou laat staan.”

Het is dan ook moeilijk om elke dag opnieuw in gesprekken (HVV registreert wilsverklaringen euthanasie en helpt de mensen bij het invullen ervan) te moeten duidelijk maken dat het wel nuttig is een wilsverklaring euthanasie in te vullen, maar dat deze verklaring totaal waardeloos is voor elke vorm van verworven wilsonbekwaamheid. “De wet laat de toepassing immers alleen toe voor uitzichtloze coma. En, eerlijk gezegd, daarvoor is er geen euthanasiewet nodig! Het goede medische handelen van elke arts zorgt ervoor dat iemand in een uitzichtloze coma niet kunstmatig in leven gehouden wordt.”

HVV blijft dan ook een correcte uitvoering van de wet en een uitbreiding van de wet eisen.

“Ik erger mij mateloos aan ziekenhuizen die euthanasie weigeren en palliatieve sedatie toepassen. Ze misbruiken de emotioneel wankele toestand van de patiënt en de familie! Het kan niet dat een ziekenhuis met één hand klaarstaat om federale subsidies te krijgen en met de andere hand een democratisch gestemde wet van tafel veegt! En in de psychiatrie is het nog schrijnender. Mensen die bij een intakegesprek het woord euthanasie laten vallen, worden soms botweg geweigerd en de deur gewezen. Over barmhartigheid gesproken!”

 

HVV zou HVV niet zijn als ze nu al niet de kiemen zou leggen voor een volgend debat.

“De uitbreiding voor minderjarigen en dementen zal er wel komen.” zegt De Roeck, “De stem van onze samenleving klinkt zo luid dat de politici ooit zullen moeten luisteren. Maar wat als de uitbreiding er is? Zelfs dan staat er een groep in haar geheel in de kou: de handelingsonbekwame meerderjarige en de verlengd verklaarde minderjarige. Voor een vrijzinnige kan dat niet. Ook iemand met een verstandelijke achterstand, die matuur genoeg bevonden wordt door het team, moet om euthanasie kunnen vragen. Een moeilijk debat gezien de historische voorgeschiedenis. Toch hopen wij dit debat met de begeleiders en de professionelen te kunnen voeren in een serene en open sfeer. Ik heb via mijn werk als directeur van HVV en via de netwerken die ik tijdens mijn politieke loopbaan opbouwde, veel contact gehad met mensen uit het veld. Begeleiders spraken me hier zelf over aan.”

 

Informatieve tekst

HVV en de strijd voor een correcte euthanasiewet voor elk individu.

Het Humanistisch Verbond trok al sinds de jaren 50 aan de kar om euthanasie wettelijk mogelijk te maken. Vijftig jaar later was het eindelijk zo ver.  We hebben een wet, die weliswaar niet perfect is, maar ze is er wel, en ze is intussen behoorlijk ingeburgerd in onze samenleving! De LEIFartsen en –nurses zorgen dat deze wet op het veld duidelijk gecommuniceerd wordt. Het ULteam biedt zelfs een uitweg voor die betrokkenen, familie en zorgverleners die ‘in de kou’ blijven staan. Morele consulenten van deHuizenvandeMens.nu staan klaar voor info en begeleiding en ook HVV speelt een prominente rol in de informatie, opvolging en zelfs ondersteuning. Maar toch is de strijd is nog niet gestreden!

 

Een wet die nog altijd niet correct toegepast wordt.

 

We merken  elke dag opnieuw dat de wet niet correct toegepast wordt. Artsen en ziekenhuizen die de wet niet genegen zijn, negeren nog steeds de wens en de autonomie van de patiënt en zoeken ‘achterdeuren’ om de euthanasievraag niet te horen of op een zijspoor (het intussen te vaak gebruikte palliatieve sedatie-spoor) te zetten, het bekende ‘uitstelgedrag’. Uitspraken als “Het is nog veel te vroeg om daarover te praten.” of  “Ikzelf kan echt niet ingaan op je vraag, maar ik zal op zoek gaan naar een ander arts.” – iets wat wel gezegd wordt, maar niet gedaan –  zijn schering en inslag. Moreel consulenten, ethische begeleiders en zorgverstrekkers ergeren zich hieraan, maar ze staan vaak machteloos. Wat ons vooral stoort is dat de zwakke positie  en de emotionele erg wankele gemoedstoestand van de patiënt en de familie ‘misbruikt’ worden.

 

HVV blijft daarom eisen dat de wet correct wordt toegepast:

–          Het kan niet dat ziekenhuizen een democratisch gestemde wet negeren, maar wel geen enkel probleem hebben met het krijgen van subsidies van diezelfde ‘federale’ overheid.

–          Het kan niet dat een huisarts, omwille van een morele reden, zijn patiënt in de kou laat staan en niet doorverwijst! Natuurlijk kan en mag hij weigeren, euthanasie is en blijft een ethisch en moreel zware beslissing. Maar die ‘morele vrijheid’ mag geen vrijgeleide zijn om niet de goede zorg te verstrekken die in de wet op de patiëntenrechten ingeschreven staat, om nog maar te zwijgen van de deontologische code waaraan een arts verplicht is!

–          Het kan ook niet dat de psychiatrie de euthanasievraag van mensen die een psychisch lijden hebben opzij schuift. Zeker niet omdat meer dan 90% van de psychiatrie in handen ligt van de ‘tegenstander’ van de wet. Is het barmhartig om mondige psychiatrische patiënten in de kou te laten staan door aan hen een intake te weigeren enkel en alleen omdat zij het woord ‘euthanasie’ laten vallen?

 

En dit is nog maar de top van de ijsberg. Als directeur van HVV ben ik vaak op pad voor infosessies, ook heb ik heel wat contacten met de mensen in de praktijk: de artsen, de zorgverleners, maar ook de patiënten zelf en hun familie. Vaak heb ik het gevoel dat we 10 jaar nadat de wet er kwam niet verder staan dan 10 jaar geleden. Een kleine groep blijft zich hardnekkig verzetten (cfr. het opiniestuk van René Stockman in DM van 6/4 – op ‘goede vrijdag’ nb!- ), en dat terwijl een ruime meerderheid van onze samenleving (gewone mensen en professionelen) duidelijk ‘anders’ denkt.

 

 

Een petitie om de politieke wereld wakker te schudden.

HVV probeerde in 2010 en 2011 de besprekingen op de politieke agenda te zetten. Tevergeefs. Een petitie, die mee ondersteund wordt door LEIF, RWS, de Grijze Geuzen, deMens.nu (vroeger UVV) en PMD Antwerpen werd massaal ondertekend en stopt op 22 april. Deze petitie zal later in het voorjaar overhandigd worden aan de Senaat. Daarmee tonen we aan dat de samenleving onze vraag voor een verfijning en een uitbreiding ondersteunt. Om nog meer druk uit te oefenen werd er tijdens de onderhandelingen een brief aan de onderhandelaars gestuurd om het belangrijke dossier op te nemen in de regeringsverklaring en zo te garanderen dat er een politiek debat zou komen. Er kwamen enkele positieve reacties van partijen en ook van enkele parlementsleden. Er staat echter niets in de regeerverklaring. Omdat de media zo een belangrijke rol kunnen spelen werd er zeer vaak gereageerd in de pers: met opiniestukken, lezersbrieven en interviews. HVV was een belangrijk partner in het tot stand komen van de wet, en is dat nu zelfs meer dan ooit. De samenwerking met LEIF en vooral met Wim Distelmans zorgt ervoor dat we ons standpunt duidelijk kunnen maken aan de bevolking. De huidige directeur van HVV (Jacinta De Roeck) was zelf één van de makers van de euthanasiewet als senator (AGALEV 1999-2003). Dankzij haar netwerken blijven we een prominente rol spelen.

 

 

Welke verfijningen en uitbreidingen vraagt HVV?

De verfijningen

  • Vermits de wilsverklaring steeds herroepbaar is, is een tijdslimiet van 5 jaar overbodig. Het is wenselijker de tijdslimiet te schrappen. De gemeenten, die de wilsverklaringen registreren, moeten nu al verplicht worden de betrokkenen automatisch op de hoogte te brengen van het nakende verstrijken van de tijdslimiet.
  • Indien de wilsverklaring euthanasie geregistreerd werd, dient het bestaan hiervan opgenomen te worden op de chip van de elektronische identiteitskaart of  siskaart.
  • Er moet een doorverwijsplicht komen voor de arts die euthanasie weigert.
  • Er moet toegezien worden op het feit dat ziekenhuizen die met overheidsgeld werken, de toepassing van de euthanasiewet niet in de weg staan.
  • Euthanasie voor psychiatrisch patiënten is perfect mogelijk via de huidige wet. Toch merken we dat zowel psychiaters als psychiatrische instellingen – die in meer dan 90% van de gevallen katholiek zijn – zeer huiverig staan tegenover de toepassing van de wet. Psychiatrische patiënten met een euthanasievraag, die voldoet aan de wettelijke voorwaarden, blijven in de kou staan. Erger nog, we horen te vaak getuigenissen van patiënten die zelfs geweigerd werden voor een opname, enkel en alleen omdat ze hun euthanasievraag ter sprake brachten, wat in strijd is met de wet op de patiëntenrechten.

 

De uitbreidingen

–          Ook euthanasie bij verworven wilsonbekwaamheid moet kunnen.

De bepalingen in de wet van 28 mei 2002 gelden niet voor mensen met een ‘verworven wilsonbekwaamheid’. Euthanasie voor dementerenden is dus nog steeds onmogelijk en ook een wilsbeschikking, opgesteld wanneer mensen wel nog volledig zelfstandig kunnen beslissen, biedt geen oplossing. Intussen gaan er steeds meer stemmen op om de wet ook voor mensen met een onomkeerbare hersenaandoening mogelijk te maken. Cijfers bewijzen (meer dan 70% van de bevolking volgens een Dimarso onderzoek) dat er een ruim maatschappelijk draagvlak is. HVV aanvaardt dan ook niet dat de ‘volks’vertegenwoordigers hun taak niet opnemen en de wet niet herbekijken in het parlement. Want intussen bewijst de praktijk steeds vaker dat er patiënten zijn, zoals Hugo Claus, die uit angst voor een geestelijke aftakeling, in een bepaald stadium van de dementie om euthanasie vragen op basis van het ondraaglijke geestelijke lijden dat de ziekte voor hen teweeg brengt, en dit op een moment dat ze wel nog voldoende bewust zijn. Zij stappen als het ware vroeger uit het leven dan nodig, enkel en alleen omdat de wet hier te kort schiet.

–          Euthanasie voor minderjarigen.

­Minderjarigen die ongeneeslijk ziek zijn en ondraaglijke pijn lijden die niet gelenigd kan worden, zijn volkomen uitgesloten van het recht op euthanasie. Toch is hun lijden even groot, de toestand waarin zij verkeren even ondraaglijk en mensonwaardig. Een aanpassing in de wet van 28 mei 2002 moet euthanasie voor minderjarigen mogelijk maken. De praktijk leert ons immers dat kinderen die zich in een uitzichtloze situatie bevinden een grote mate van maturiteit hebben, zeker ten opzichte van andere, gezonde kinderen. Het trekken van een leeftijdsgrens is bijgevolg een absoluut arbitraire aangelegenheid. Onze wet op de patiëntenrechten geeft jongeren en kinderen maximaal een stem in hun medische verhaal zonder dat er een leeftijdsgrens getrokken wordt.

HVV ijvert er dan ook voor de euthanasiewet uit te breiden voor wilsbekwame minderjarigen, en dit zonder een leeftijdsgrens, in overleg met de ouder/s en dit in analogie met onze Belgische patiëntenrechtenwet.

 

Maar zelfs met de verfijningen en de uitbreidingen is er nog een weg te gaan.

50 jaar geleden speelde HV een voortrekkersrol om de euthanasiewet erdoor te krijgen. Nu is het de taak van HVV om het volgende debat aan gang te trekken. Het kan niet dat er een groep in haar geheel door de wet uitgesloten zal blijven. Ook voor de verlengd minderjarig verklaarde en voor de handelingsonbekwaam verklaarde meerderjarige moet er een mogelijkheid zijn om euthanasie te vragen als zij de maturiteit daarvoor hebben.

De wet op de patiëntenrechten stipuleert: “De patiënt zelf moet zoveel mogelijk bij de uitoefening van zijn rechten worden betrokken.”

Het debat kan bijgevolg perfect gevoerd worden.

Zoals we vragen dat ook jongeren en kinderen over hun levenseinde kunnen beslissen als zij daarvoor de maturiteit hebben, zo vragen we ook op de euthanasievraag van  handelingsonbekwamen, zoals verlengd minderjarig verklaarden en mensen met een mentale achterstand, die door een team matuur genoeg verklaard worden, kan ingegaan worden. Het is namelijk niet omdat iemand zijn of haar materiële belangen niet kan behartigen en het moeilijk heeft om in onze maatschappij te functioneren, dat die iemand niet perfect over zijn of haar eigen lichaam kan meespreken. Wat geldt voor de seksualiteitsbeleving van deze personen, geldt ook voor vragen bij medische aandoeningen en voor vragen over het levenseinde.

We beseffen dat dit debat bijzonder gevoelig ligt omdat de geschiedenis hier meer dan ooit ervoor zal zorgen dat er veel tegenstand zal zijn. Maar HVV vindt dat geen enkel debat uit de weg gegaan mag worden. Ook kwam dit item nog niet vaak ter sprake en moet het hele traject nog afgelegd worden. Zowel binnen de ledenvereniging HVV, de vrijzinnige wereld en de samenleving zelf. We hopen in ieder geval op het professionele werkveld (instellingen, artsen en begeleiders, patiëntenverenigingen, …) te kunnen rekenen bij het voeren van een eerlijk debat dat niet al direct gesmoord wordt omdat de geschiedenis dit niet zou toelaten.

 

Voor meer informatie kan je terecht bij:

Jacinta De Roeck, gewezen senator en directeur van HVV

0475 – 75 93 53





Iedereen mooi en perfect?

31 05 2010

De voorpagina van GVA 20 mei 2010 deed me even schrikken.  Hoofdtitel “Nieuwe trend: op je achtste naar de schoonheidsspecialist”, met subtitel “je kan niet vroeg genoeg beginnen”. Het hedendaags taboe om perfect te willen zijn, baart me zorgen.
Wat is er toch gaande? Moet iedereen perfect zijn? Moeten kinderen al beginnen met hun schoonheidsideaal na te streven?  Is gemiddeld dan niet meer goed genoeg? Waarom altijd beter, sneller, mooier? We leggen niet alleen te veel druk bij onszelf als volwassenen, maar evengoed bij kinderen, blijkt nu.  Waar is die leuze gebleven “Doe maar gewoon, dat is al gek genoeg”? We vergeten hier rekening te houden met rijping, gewoon opgroeien, gewoon normaal… maar wat is nog normaal?

Is het een ziekte van deze tijd? Ik vrees dat het de normen zijn die ons worden opgedrongen door communicatie, marketing en media. Waar is die positiviteit gebleven, gewoon het mooie van elke mens zien? Waarom moet alles bijgepast worden met alle middeltjes van deze tijd? Het lijkt me juist mooi om te accepteren “wat er is”.  Verandering, ouder worden, opgroeien, al dan niet gepaard met enige succeservaringen zoals graag gezien worden en erbij horen. Je kan je toch ook goed voelen in sociaal contact, ook al heb je dan een puist of twee. Schoonheid vanuit de eigen persoon en nieuwsgierigheid.  Dat laatste is soms zelfs belangrijker dan leren uit kennis, want een interesse hebben, als is het voor treintjes, en bij jonge meisjes voor schoonheid, het is een belangrijk onderdeel van gelukkig zijn. We voelen ons allen “gelukt” als we bezig zijn met wat ons interesseert. Jonge meisjes mogen gerust dromen van een job als model/actrice, het toont een interesse, misschien iets waar ze goed in zijn, in die zin is het mensgestuurd in plaats van maatschappijgestuurd en daarom betreurt die berichtgeving me zo. “Want ze kunnen er maar niet vroeg genoeg mee beginnen”. Nochtans verbetert de levenskwaliteit van mensen niet door de indruk te geven dat we allemaal perfect moeten zijn.

Ter info enkele opvallende resultaten van het enquêteonderzoek van De Maakbare Mens vzw uit 2005. Het betrof een bevraging over esthetische en cosmetische chirurgie, een vorm van plastische chirurgie met ingrepen die het lichaam mooier maken, maar die medisch gezien niet noodzakelijk zijn.  Er werd onder andere de  stelling geponeerd dat het beter is geen esthetische ingrepen te ondergaan omdat het onnatuurlijk is. Bijna de helft van de jongeren is het hier mee eens, bij de 50-plussers is dat slechts een vijfde. Vooral jongeren hebben hun twijfels bij het resultaat van esthetische ingrepen, slechts 20,6% is het eens met de stelling dat het resultaat van esthetische chirurgie mooi is. Bij de 50-plussers is dat 52,8%. Het valt dus op dat oudere mensen positiever staan ten opzichte van esthetische ingrepen dan jongere mensen.
In 2005 keurde de federale kamer, via een amendement van Magda De Meyer en Kathleen van Brempt (beiden sp.a), een verbod op reclame voor borstimplantaten goed. In de gezondheidswet van minister Demotte (PS) werd dergelijke reclame definitief verboden. Dat is goed, maar wat met andere vormen van plastische chirurgie? Het is geen gewoon consumentenproduct, het situeert zich binnen de medische sfeer. Reclame is per definitie subjectief en eenzijdig, en heeft tot doel de verkoop te maximaliseren.

Deze maand is een ander onderzoek door CESO (Centrum voor Sociologisch Onderzoek, KUL) voor In-Petto Jeugddienst (landelijke jeugddienst, erkend door de Vlaamse Gemeenschap) verschenen met de passende titel “Fake”. 3 op de 10 jongeren zouden misschien overwegen om met plastische chirurgie iets aan hun uiterlijk te veranderen. Bijna 9 op de 10 jongeren is ervan overtuigd dat minstens 75% van de foto’s in reclame en tijdschriften fake zijn.  Er is ook website en een FAKE Magazine. Het gaat in de eerste plaats over jongeren zelf. Hoe zij aankijken tegen plastische chirurgie, Photoshop, gadgets als iPhone, de glamourwereld van celebrities… Waar hou jij op en begint je imago? Een interessant onderzoek waarbij we kunnen stellen dat hier andere trends gaande zijn, juist ingaande op een zucht naar authenticiteit: ‘Ik vind het belangrijk dat je bent wie je bent’.

Een reactie van Patricia Van de Velde, educatief medewerkster HVV





Lijden

3 04 2009

Amelie Van Esbeen uit Merksem is 93 en een kranige dame. Ze is naar eigen zeggen ‘helemaal op’. Ze is niet ongeneeslijk ziek, maar heeft een hele verzameling ouderdomskwalen die samen haar leven ondraaglijk maken. Dat vindt ze zelf. De vrouw vraagt om te mogen sterven, maar ze komt niet in aanmerking voor euthanasie omdat ze niet binnen de voorwaarden van de wet valt. Daarvoor moet je immers lijden aan een niet te genezen aandoening die ondraaglijk lijden veroorzaakt.

Zoals Amelie zijn er velen, en met de groeiende vergrijzing van de bevolking en een steeds groter aantal hoogbejaarden zullen gevallen als het hare steeds vaker voorkomen. Voor- en tegenstanders van euthanasie in dit soort gevallen hebben valabele argumenten.

Tegenstanders betogen dat ouder worden hoe dan ook het leren aanvaarden van een aantal verliezen is: van gezicht, gehoor, geheugen, mobiliteit, onafhankelijkheid van anderen. Maar dat al dat verlies daarom nog geen reden tot een doodswens moet uitmaken, en dat donkere gedachten en depressies ook kunnen verholpen worden door met technische hulpmiddelen of therapie de hoogbejaarde weer een zekere levenskwaliteit te geven. Wanneer zoiets helpt, is het natuurlijk de aangewezen weg.

Maar wat doe je als het doodsverlangen ondanks die medische en therapeutische interventies blijft, wanneer langdurig en herhaaldelijk de wens wordt uitgesproken om het leven te mogen verlaten?

Wie is in zulke gevallen dan de ultieme scheidsrechter om te oordelen over de echtheid van het ondraaglijk lijden? Over de wens daaraan een einde te maken? Voor gelovigen zijn zij dat zelf niet en die mening verdient alle respect.

Maar wanneer een wilsbekwaam en autonoom individu zelf wenst dat er einde aan haar lijden gemaakt wordt, is dat ook een mening waarvoor anderen respect dienen op te brengen. Dat is trouwens de basisethiek achter de wetgeving op euthanasie. Die wetgeving, zo leert Amelie ons, is aan verfijning toe.

Want nu zitten we met de vrij surrealistische situatie dat Amelie wel het recht heeft om in hongerstaking te gaan en zichzelf zo een uiterst onmenselijke hongerdood te laten sterven, maar dat ze van het recht op een pijnloze en genadige dood onthouden blijft. Die keuze zou men niemand mogen aandoen, wat ook je levensbeschouwing is.

Yves Desmet
Politiek commentator
DeMorgen 24/03/09





Welke macht mag deze Kerk nog claimen?

3 04 2009

Absoluut beschamend. Zo kunnen we het optreden van paus Benedictus XVI van de laatste maanden zonder veel zin voor overdrijving omschrijven. De rehabilitering van de negationistische bisschop Richard Williamson van het Broederschap Pius X is een zwaar omen voor de koers die de Rooms-Katholieke Kerk wil gaan varen. Hiermee schoffeert de paus de Joden. Dit broederschap ijvert ook voor het terugschroeven van de progressieve veranderingen binnen de Kerk sinds het Tweede Vaticaans Concilie. Zo schoffeert de paus ook zijn progressieve achterban. In 2006 citeerde de paus de Byzantijnse keizer Paleologos die zei dat ‘Mohammed de wereld niets dan slechte en onmenselijke dingen heeft gebracht’. Hiermee schoffeerde de paus de moslims. De paus vindt ook dat homoseksueel gedrag voorkomen en vermijden even belangrijk is voor de mensheid als de redding van het regenwoud. Hiermee schoffeert de paus alle homo’s en lesbiennes. Hij schoffeert er maar op los, niet beseffend dat zijn uitspraken dehumaniserend zijn. Ze tasten de waardigheid van mensen aan. Vooral van minderheden.
De Kerk komt hierdoor steeds meer in verdrukking. In Spanje, de VS, Engeland en Nederland spelen voor- en tegenstanders van God oorlogje door autobussen vol te plakken met slogans voor of tegen God. Zo’n vaart loopt het in België gelukkig niet. Wat voor zin heeft het trouwens om een proces tegen God te voeren? Of hij nu bestaat of niet, het kan ons als vrijzinnige humanisten eigenlijk weinig schelen. Wij hebben ook niet de behoefte om te gaan bewijzen dat de goede fee of Sinterklaas of de Ver-schrikkelijke Sneeuwman niet bestaat. Als een of andere tovenaar morgen bewijst dat God niet bestaat, zullen wij antwoorden met de wijze woorden van François Mitterand: “Et alors?”. In de wetenschap dat duizenden mensen in dit deeltje van de wereld zich reeds met het merkwaardige tijdverdrijf van het bewijs en het tegenbewijs hebben beziggehouden, zonder resultaat dat de mensheid iets bij-bracht, opteren we voor andere kritiek: wat doen de mensen, die namens die god spreken?
Wat volgens ons wel de moeite waard is om over te strijden, zijn de maatschappelijke gevolgen van de macht en invloed die blijft uitgaan van de Rooms-Katholieke Kerk. Gepatenteerd wereldvreemd, discriminerend en dehumaniserend in haar uitspraken, posteert zij zich nog steeds als één van ’s werelds belangrijkste morele autoriteiten. Redelijk paradoxaal, als je het ons vraagt. Er gaapt een levensgrote kloof tussen de leiding van de Kerk en haar basis. Die basis verwerpt de ideeën van de paus en zijn conservatieve clerus. Die basis verwerpt de ideeën van machtsgroepjes als Opus Dei en het Broederschap Pius X, die door de laatste twee pausen worden opgevrijd. Die basis verwerpt de standpunten van haar leiding omtrent abortus, euthanasie, homofilie, voorbehoedsmiddelen en celibaat. Die basis voelt zich eerder gematigd christelijk dan katholiek, maar wordt wel vertegenwoordigd door een extreem-katholieke paus en zijn Heilige Stoel. De aanspraken van de Roomse leiders op macht en morele autoriteit zijn in een democratische tijd niet langer houdbaar. Maar toch blijven de media de paus opvoeren als morele opinieleider. De oplossingen voor deze paradox moeten natuurlijk van de gelovigen zelf komen, maar als ‘deelgenoten aan de invloed van Rome’ hebben niet-gelovigen hierin zeker ook een belangrijke stem .
Wij als humanisten kunnen enkel vragen aan de media en aan de politici om het instituut Rooms-Katholieke Kerk een beetje te relativeren en tot haar ware proporties te brengen. In Vlaanderen zou dat moeten lukken. Bij ons is God toch eerder een cultureel gegeven geworden, een passe partout om bij een bepaalde gemeenschap te horen, eerder dan een bovennatuurlijk wezen dat boven onze hoofden zweeft en ons leven stuurt. In de VS is niet geloven in God minder evident. Atheïst is daar nog een scheldwoord, een synoniem zelfs voor communist. Het was historisch dat een zwarte president werd, maar het zou nog historischer zijn mocht er een president komen die zichzelf atheïst noemt. Obama zorgde voor een kleine doorbraak door in zijn inauguratiespeech ook de ‘nonbelievers’ te vernoemen. En de held-piloot Chesley Sullenberger antwoordde – zeer diplomatisch – op de vraag of hij snel een schietgebedje had gedaan voor hij met zijn Airbus een noodlanding maakte op de Hudson: “Ik rekende erop dat iemand anders in het vliegtuig die job wel op zich zou nemen.” Er is dus nog hoop, maar we roepen media en politiek, althans in onze contreien, wel op om inmiddels de juiste maatschappelijke gevolgen te erkennen van het seculariseringsproces. Het heeft immers geen zin dat de hoofden van de mensen zich bevrijden van het juk van de Rooms-Katholieke Kerk, maar dat diezelfde Rooms-Katholieke Kerk ondertussen wel steeds meer financiële middelen en media-aandacht krijgt. Maatschappelijke evoluties kunnen we maar beter naar waarde schatten, zoniet worden we schizofreen. Een beetje moed en verantwoordelijkheid dus: we hebben twee eeuwen geleden geko-zen voor zelfbeschikking en we hebben daartoe een maatschappij op poten gezet die de burger ver-antwoordelijkheid en een kritische zin geeft. Geen zogenaamde ongenaakbare autoriteit mag dat verkwanselen voor het belang van de eigen kring. Dus, medeburgers van de media en het beleid: een beetje moed en kiezen voor die schitterende constructie van democratische zelfbeschikking. Met ons.

Rik Pinxten en Björn Siffer zijn respectievelijk voorzitter en woordvoerder van de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging (HVV).
Dit standpunt mag overgenomen worden in andere publicaties mits vermelding van de auteurs.





Jeugdzorg overschrijdt 20.000 ‘cliënten’ dit jaar

19 09 2008

De Jeugdzorg zal dit jaar de kaap van de 20.000 ‘cliënten’ ronden.  Jaarlijks komt er ongeveer 4,5 procent ‘cliënten’ bij.  Ook al werkt de sector efficiënter, ze kan de enorme behoeften nauwelijks de baas, met ellenlange wachtlijsten als gevolg.

Oorzaken zijn onder meer te zoeken bij het groeiende aantal problematische opvoedingssituaties, bij ontsporing of crisissituaties bij de jongeren zelf.  Oorzaken daarvan liggen dan weer steeds vaker bij toegenomen armoede en bij de groeiende gezinsinstabiliteit.  Daarenboven wordt de samenleving ook steeds onverdraagzamer ten aanzien van kinderen en jongeren, die steeds makkelijker als lastig en misdadig worden omschreven.

Een de positieve zijde is te melden dat spijbelgedrag vandaag sneller wordt aangepakt en dat er meer ondersteuningsgericht wordt gewerkt.

Het Vlaams Welzijnsverbond (VWV) eist alvast een uitbreiding van de opvangcapaciteit met 3 procent (budget) per jaar. Het zegt dit nu omdat het Agentschap en minister Steven Vanackere van Welzijn (CD&V) een vervolg voorbereiden op het plan-Vervotte dat ze versneld uitvoerden de afgelopen jaren.

www.vlaanderen.be/jongerenwelzijn/
www.vlaamswelzijnsverbond.be