Interview met Siegfried Bracke “In onze club is een reglement”

30 03 2011

Interview met Siegfried Bracke

Ik ontmoet Siegfried Bracke in z’n kleine bureau in het federaal parlement. Een klein bureau, zonder luxe, dat hij deelt met z’n medewerker. Hier wordt noest gearbeid! We treffen elkaar in een periode dat Brackes aandacht vooral gaat naar de moeilijke regeringsvorming en naar de bijzondere commissie kindermisbruik in de kerk. Over dit laatste zegt hij: “Ik vind het een vorm van immanente rechtvaardigheid – dit is een boodschap voor Léonard – dat ze dit nog als een boemerang in hun gezicht krijgen!” Het besnorde boegbeeld van de gematigde vleugel van de NVA is duidelijk in vorm…

Het Vrije Woord: We zullen onmiddellijk met de deur in huis vallen: bent u voor of tegen een uitbreiding van de euthanasiewet naar minderjarigen en dementerenden? En wat is de houding van uw partij? Is iedereen vrij om te stemmen?

Siegfried Bracke: De houding van mijn partij is hier volledig vergelijkbaar met bijvoorbeeld de Open VLD: elk parlementslid is vrij in dit soort ethische kwesties om naar zijn of haar geweten te stemmen. Los daarvan vinden wij dat de bestaande euthanasiewet inderdaad het best wordt aangepast, uitgebreid ook. Maar ik moet u wel zeggen – en dan spreek ik als individu – dat ik daar vroeger veel gemakkelijker standpunten over innam dan nu, omdat ik nu ook wel besef dat ik ooit weleens op dat knopje zal moeten drukken en een ja of een neen geven, want onthouden vind ik in dezen niet gepast. Dit gezegd zijnde, wil ik toch benadrukken dat ik in mijn leven van weinig verenigingen lid ben geweest, maar een van de eerste waar ik toch lid van werd, was Recht op Waardig Sterven. Omdat ik de dood zo fundamenteel en zo universeel vind – uiteindelijk is het de enige zekerheid… Palliatieve zorg blijft ook belangrijk: ik steun Wim Distelmans en zijn palliatieve dagcentra absoluut. Dat lijkt mij minstens even belangrijk. Het is dus een én-énverhaal en een verhaal van nuance.

HVW: En als zo’n stemming er komt, kunt u dan voorspellen hoeveel mensen van uw 27-koppige fractie voor zouden stemmen?

SB: Neen, omdat het afhangt van die modaliteiten. Nu, wij zijn geen ethisch conservatieven. Wij zijn ethisch conservatief op andere fundamentele punten, ik ook. Dat gaat dan over ethiek in andere kwesties dan abortus en euthanasie.

HVW: Dan bedoelt u bijvoorbeeld de multiculturele samenleving? Hoe staat u ertegenover? Vindt u de kritiek terecht?

SB: Natuurlijk. We hebben ons vastgereden in een angst voor het Vlaams Belang. Dat heeft ervoor gezorgd dat samenlevingsproblemen, zodra ze ook maar iets met allochtonen te maken hadden, onbespreekbaar waren. Het siert de burgemeesters van Gent en van Antwerpen dat ze ooit letterlijk in een interview in een tijdschrift van hun partij aanklaagden dat dit soort van problemen in hun partijen niet besproken mocht worden. Ach, we hebben een gigantische prijs betaald. En de media, ook ikzelf, zijn daar in de fout gegaan. Als er iemand was die een scheve toestand recht wou zetten, hebben wij jarenlang gevraagd: “Loopt u het Vlaams Belang niet achterna?” Waarop de politicus bijna een beroerte kreeg van de schrik. Dat heeft ons verblind, verdwaasd en verdoofd. Er zijn dus samenlevingsproblemen, en een van de redenen waarom ik naar de NVA ben gegaan, is omdat die partij op dat vlak erg duidelijk is. Ons standpunt is dat wij tegen iedereen zeggen: “Kom er maar bij, maar je bent lid van onze club en in onze club is er een reglement en je houdt je daaraan. Zonder onderscheid van kleur, ras of godsdienst. En trouwens: als je lid bent van de club, probeer dan maar dat reglement te veranderen.” Dit is de uitgestoken hand: iedereen doet mee. Dat was ook de houding van Martin Luther King: het gaat over gelijke rechten, en de allochtonen hebben die. In Nederland is er een zogenaamd ‘ranzig kabinet’ met de gedoogsteun van Wilders. Wat dat kabinet heeft beslist in verband met volgmigratie, dat kan ik steunen. Want het is in het belang van die mensen, opdat ze niet voortdurend zouden moeten herbeginnen.

Journalist bij een ministerie

HVW: Hebt u veel invloed gehad op de journalistiek in Vlaanderen? U staat bekend als de gevatte interviewer die het brave van de Vlaamse journalistiek trachtte te overstijgen, maar tegelijk wordt u ook geassocieerd met de onderbreek-cultuur en de korte soundbite-cultuur. Hoe kijkt u daar achteraf op terug?

SB: Ook dat is een en-en-verhaal. Dat van die zestien seconden – het is ondertussen al minder – is een gemiddelde. En met gemiddelden moet je geweldig goed opletten. De media moeten alles doen: de snelle happen, maar ook de bredere stukken. Kijk, je treedt op een bepaald moment binnen in een instituut als de toenmalige BRT en dat was toen een ministerie, met alle kwalijke kantjes van de ambtenarij. Dat was  een gepolitiseerde omroep met een cultuur die erop gericht was, met name als je politieke verslaggeving deed, om de aandeelhouder, de politici die in de Raad van Bestuur zaten, te plezieren. De bazen waren ook allemaal politiek benoemd en ik deed zo aan journalistiek dat mijn bazen tevreden waren en dat ik gerespecteerd werd in de Wetstraat. Op een bepaald moment is mijn frank gevallen, in de periode dat men van het ministerie een bedrijf heeft gemaakt dat VRT heet. Toen heb ik alle principes overboord gegooid, want ze klopten gewoonweg niet. Ik deed namelijk aan journalistiek voor gelijkgezinden. En ik vind dat een massamedium, betaald met het belastinggeld van iedereen, er voor iedereen moet zijn. De versnelling van het medium is iets wat zich wereldwijd heeft voltrokken, je kunt dat niet tegenhouden. Waarom had de BRT op een bepaald moment geen kijkers meer? Omdat men geen rekening hield met de kijkers. De kijker keek naar “Holland”, naar de Berend Boudewijn Show, waar ze koelkasten en wasmachines uitdeelden. Maar wij vonden dat het volk opgevoed moest worden.

HVW: Denkt u dat de burger beter geïnformeerd is dan vroeger?

SB: Absoluut.

HVW: Maar gaat dat ook niet gepaard met oppervlakkigheid? Want door de versnelling van het medium kan men toch vaak minder diep op een thema ingaan?

SB: Helemaal niet. We zijn er veel beter aan toe dan tevoren! Tindemans, die heeft ooit een gewéldige verkiezingsoverwinning behaald, een miljoen stemmen, en weet je met welke slogan? “Met deze man wordt het anders”. (ironisch) Geweldige programmaboodschap, hé. Ik zeg niet dat die man nergens voor stond, maar die had op dat moment het marketinggevoel beet.

Nationalisme

HVW: Guy Verhofstadt trok voor enkele maanden fel van leer tegen het nationalisme. Hij kreeg in een opiniestuk lik op stuk van Bart De Wever. Heeft de nationalistische component van de NVA u nooit doen twijfelen om de stap te zetten?

SB: Als nationalisme exclusief is, in de zin van “Wij zijn de Vlamingen en van de rest willen we niet weten”, dan is dat fout. Maar nationalisme betekent ook: zorg voor de gemeenschap waartoe je behoort. Ik ben nogal verslaafd aan podcasts (geluidsbestanden van internet, nvdr). Wel, Guy Verhofstadt doet op een bepaald moment een heel lang interview op de Nederlandse radio, waarin hij voortdurend zegt dat hij het nationalisme bestrijdt. Tot het op een bepaald moment gaat over zijn eigen familie en de mevrouw die hem interviewt, zegt: “U hebt een Italiaanse schoonbroer?” Waarop Verhofstadt zegt: “Nee nee, dat is geen Italiaan, dat is een Napolitaan, dat is compleet iets anders.” En dat is inderdaad iets anders, hij had gelijk.

HVW: Is het een fout geweest van bepaalde generaties van politici om die drang naar vertrouwde structuren te ontkennen?

SB: Natuurlijk! Hoe globaler de wereld, hoe belangrijker die lokale structuren zijn. Dat is de paradox van de globalisering. Maar als je nationalisme zoals Verhofstadt gaat associëren met de Holocaust, ja zeg, daar hebben wij niets mee te maken, hé. Volstrekt niets. Alleen, zorg dat je een soort van publieke ruimte hebt die je deelt met mensen, die niet noodzakelijk daar geboren zijn, want dat is Bloed-en-Bodemnationalisme, en je zegt daartegen: “Je kan gerust lid worden van onze club, graag zelfs, we zullen je met plezier ontvangen, en je doet zoals alle anderen.” Alsof ik zou denken dat elke liberaal een sociale bloedhond is en elke socialist een geldverbrasser.

HVW: VIVES (Vlaams Instituut Voor Economie en Samenleving, onderzoeksgroep van de KUL) stelt zich voor als een onafhankelijke economische denktank, maar lijkt eerder een politieke lobbygroep met een duidelijke Vlaams-nationalistische agenda. De directeur van dat onderzoeksinstituut is Koen Algoed, de kabinetschef van Vlaams NVA-minister van Begroting Muyters. Wat vindt u als aanhanger van vrij onderzoek van deze aanpak?

SB: Ik vind om te beginnen net dat vrij onderzoek bepaalt dat je de dingen niet mag omkeren. Het is niet omdat je tot een bepaalde conclusie komt en dat toevallig overeenkomt met de visie van partij A, B of C, dat je ook partij A, B of C aanhorig bent. Vrij onderzoek betekent voor mij dat je naar eer en geweten de waarheid probeert te vinden. En dat is wat die denktank doet. Of die denktank nu in de universiteit van Leuven zit, of in die van Gent of in die van Brussel, het maakt mij niet uit. Ik ga ervan uit dat deskundigen in alle onafhankelijkheid werken. Dat is hetzelfde met mij: ik ben nu een NVA-politicus. Denkt u nu echt dat ik niet meer in staat ben om vanaf nu een politiek interview te doen? Natuurlijk kan ik dat.

HVW: Dus u hebt er geen probleem mee dat de kabinetschef van Muyters, onder het mom van een onafhankelijke onderzoeksgroep van een universiteit, politieke stellingnames doet? Ik zou als universiteit niet blij zijn.

SB: Ik zie het probleem niet. Koen Algoed is een wetenschapper en ook kabinetschef. Dat zijn onderscheiden dingen. Het is goed dat men dat in alle duidelijkheid weet. Kijk ook eens naar de daden en niet naar de etiketten. Vindt men ergens een stuk waar de betrokken wetenschapper de waarheid en de zoektocht naar die waarheid methodisch en ten gronde zo inhoudelijk geweld aandoet, dat dat stuk werkelijk nergens op slaat?

HVW: Ik herinner mij toch de ongelukkige communicatie over hoe de onderwijsnetten de slaagkansen in het hoger onderwijs bepalen. Daar werden toch conclusies getrokken die volledig fout of niet genuanceerd waren? Zeker in de – eveneens katholieke – De Standaard. Er was ook de resem van persberichten die alle pleitten voor splitsing van België of allerminst gevoelige delen van onze sociale zekerheid.

SB: Verbaast het resultaat van dat onderzoek u? Ik heb mij een aantal jaren van mijn leven grondig beziggehouden met dat thema. Er bestaan heel goede katholieke scholen en er bestaan heel goede andere scholen. Ik zou aan iedereen die een school moet kiezen de raad geven niet af te gaan op de reputatie. Want dat kan ontzettend misleidend zijn. De doorlichtingen van al die scholen liggen ter beschikking. Ik heb voor mijn kinderen indertijd een school gekozen waarvan ik zeker was dat het een goede school was. Dat was nochtans een school zonder reputatie. Ik ken natuurlijk het artikel niet meer vanbuiten, ik heb het wel gelezen, misschien staan er dingen in die onvolledig zijn of waarbij ik bedenkingen heb.

Vrijzinnigheid

HVW: Hoe kijkt u als buitenstaander, maar toch behept met enige sympathie, naar de vrijzinnigheid?

SB: Heel vreemd, moet ik bekennen. Ik gebruik altijd hetzelfde beeld. Er zijn mensen die goed kunnen zingen, en wat doen die? Die verzamelen zich en die vormen een koor. Maar er bestaat geen koor voor mensen die niet kunnen of niet willen zingen. Vrijzinnigheid is in de samenleving van vandaag de norm en dus geen verbindend element. Vooral ook omdat vrijzinnigheid onvoldoende is ongevuld. De vrijzinnigheid is te veel op zichzelf gericht. Men heeft te veel de drang om ernstig genomen te worden. Kom naar buiten, lachend, zelfbewust, met de hand uitgereikt! (declameert) De tijd dat de papen de ketens smeedden waarmee onze ziel aan banden werd gelegd, is voorbij, hoor! Ik heb de tijd voor het Vaticaanse Concilie nog geweten, ik heb de overgang gezien. Ik ben lid van de bijzondere commissie kindermisbruik en ik vind het een vorm van immanente rechtvaardigheid – dit is een boodschap voor Léonard – dat ze dit nog als een boemerang in hun gezicht krijgen. Maar ik had dus gehoopt dat een godsdienst die derwijze het leven van de mensen bepaalt, voorgoed verdwenen zou zijn. Maar goed, ik zie dat er weer een nieuwe groep mensen opstaat, moslims dit keer, met juist dezelfde ambities en ik hoop dat ook zij door drank, pil en wild leven op andere gedachten komen, maar ik weet niet of dat zal lukken.

HVV: U staat bekend als een vrijmetselaar. In De Morgen verscheen er zelfs een artikel waarin u zich beklaagde over broeders die u de stap naar de NVA niet kunnen vergeven.

SB: Ik heb inderdaad een aantal  werkplaatsen bezocht en daar mijn keuze toegelicht. Er waren goede en slechte reacties, maar dat is normaal. We hebben maar 30% gehaald, wat betekent dat er 70% voor anderen hebben gestemd. Binnen de vrijmetselarij heb je zoals in de rest van de samenleving slimme mensen en heel slimme mensen.

HVV: Zijn er mensen die u hebben ontgoocheld? Die u zijn afgevallen?

SB: Dat weet ik niet meteen. Maar ik voel wel dat men het vaak niet begrijpt… Die geweldige clichés ook altijd… Het enige waar ik het moeilijk mee heb, is dat een politieke keuze wordt verbonden aan een ethisch oordeel. Kiezen voor de NVA is een politieke keuze, maar er zijn mensen die daar ook een moreel oordeel aan verbinden. Ik zou dus zeggen: “Heer, vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen.” Ik heb geprobeerd het uit te leggen, maar er zijn natuurlijk mensen die niet willen luisteren, omdat ze bevooroordeeld zijn. Maar u zult het met mij eens zijn dat dat niet de geest van vrij onderzoek is. Er zijn natuurlijk nog vrijmetselaars binnen de NVA, maar ik ben de enige die dat zegt. En er zijn binnen de vrijmetselaarsloges ook ongelooflijk veel sympathisanten. Als je 30% scoort, dan komen je stemmen van overal.

HVV: Denkt u dat pluralisme enkel op papier bestaat, want wij stellen toch vast dat steeds meer scholen en ziekenhuizen katholiek worden en zich niet pluralistisch opstellen. Wat vindt u daarvan, als dienaar van het algemeen belang?

SB: (fluistert) Schrikt u daarvan? Weet u, ik ben destijds nog voorzitter geweest van de ARGO, en ook lid van de Raad van Bestuur van de grootste scholengroep van het Gemeenschapsonderwijs, en ik heb gemerkt hoe dat werkte… Ik kan u zeggen dat het katholieke onderwijs meer is ontsnapt aan wat ik de Vlaamse ziekte noem dan het Gemeenschapsonderwijs. Dit onderwijs wordt namelijk kapotgereglementeerd! Als je personeelsprestaties uitdrukt in minuten, dan ga je kapot. De katholieke scholen kunnen vanwege die bezieling een beroep doen op mensen die zich gratis en voor niets inzetten. In het GO! is er altijd iemand die of ter plekke of vanuit Brussel of vanuit de twee tegelijk met een reglement staat te zwaaien. Wat de gezondheidszorg betreft, vind ik dat een arts het recht heeft om abortus of euthanasie te weigeren. Maar een patiënt heeft het recht dat te krijgen, daarmee is de kous af.

HVV: Akkoord, er is de individuele gewetensvrijheid van de arts. Maar het is ziekenhuiskoepels toch ook verboden om via omzendbrieven artsen te verbieden een wet toepasbaar te maken? Moet de politiek daar niet tegen optreden?

SB: Ik vind het minstens even belangrijk dat je mensen overtuigt dan dat je met regels zwaait. Ik ken trouwens ook iemand die geëuthanaseerd werd in een ziekenhuis dat staat te zwaaien met de boodschap dat ze zoiets nooit zouden doen… Zoals ik ook iemand ken die in een publiek ziekenhuis niet werd geholpen omdat de arts niet wilde. En die arts was niet eens katholiek. Hij kon het gewoon niet…

HVV: Welke boeken of politieke of filosofische denkers hebben uw denken beïnvloed? Toen u jong was en studeerde voor germanist, maar ook tijdens uw journalistieke carrière? Welke geschriften hebben u de keuzes doen maken die u hebt gemaakt?

SB: Sociologen waren er niet bij. Zoals Karel van het Reve ooit zei: “Als sociologie zo belangrijk is, hoe komt het dan dat ik geen enkele belangrijke socioloog kan opnoemen?” Maar dat zal wel aan mij liggen… Ik zal het belang ervan niet genoeg inzien. Wie mijn politieke denken heeft beïnvloed, is Rudolf Boehm met zijn “Kritiek op de grondslagen van de moderne tijd”. Van hem heb ik les gehad en heel veel geleerd. Dat boek gaat over Kant, Spinoza en Descartes, over de moderne tijd in de historische betekenis. Maar ik heb ook van de iets meer encyclopedische cursus van Etienne Vermeersch geleerd. De geschriften van Etienne Vermeersch, ook die over multiculturaliteit en zeker de prachtige teksten over nationalisme, hebben mij gesteund in mijn keuze voor de NVA. Leren is een continuüm natuurlijk. Ik heb bijvoorbeeld ook heel veel gehad aan de leraar in het laatste jaar van de humaniora, die ons dingen heeft doen lezen waar we nog niet aan toe waren. Ik luister in de auto  zodra ik kan naar podcasts, ik ben geabonneerd op de hoorcolleges, die je ook via podcasts kunt beluisteren, ook dat is leren.

HVV: Nog een vraagje buiten categorie. Als u zou mogen dromen, wie is Siegfried Bracke dan over tien jaar en op welke manier is hij perfect gelukkig? Is u dan premier van Vlaanderen in een confederaal België? Of is u dan de uitbater van een gezellige chambre d’hôtes in de Provence, “waar Vlamingen thuis zijn”?

SB: Neen hoor! (mijmert) Dan zit ik met mijn vrouw in een zeteltje en ik lees een boekje en ik hou een praatje met haar en we gaan even wandelen en we gaan iets eten en we slapen wat enzovoort. Dan ben ik zevenenzestig, hé meneer!

HVV: Da’s het begin van een nieuwe carrière! Zult u het niet missen om uw mening te kunnen ventileren en gehoord te worden? Dat is toch verslavend?

SB: Als het God belieft, ga ik door tot zeven- of achtenzestig. Dan heb ik ruim mijn ding gedaan en dan is het aan de anderen. Je moet op tijd plaatsmaken voor de jongere generatie. Gepensioneerden moeten zich niet meer moeien. In mijn geval bedoel ik. Andere gepensioneerden wel! Ik mag nu, en ik ben er ook voor verkozen om mijn mening zeggen en ik zeg dus overal mijn mening! Wie gaat mij tegenhouden? Ik ben zelfs onschendbaar! Een bekend politicus, die nog altijd politicus is, hij is vooraan in de zeventig, heeft mij ooit zelf gezegd: “Als ik vijfenzestig ben en ik ben nog altijd niet gestopt, hou mij dan tegen, hé!” Ik heb het hem wel gezegd, maar het heeft niet geholpen…

HVV: En het is niet Louis Tobback?

SB: Het zou kunnen (lacht).

Björn Siffer

Advertenties

Acties

Information

4 responses

30 03 2011
Dirk Huyge

Bracke stelt in het interview dat het GO! kapotgereglementeerd is waarbij de prestaties van de personeelsleden in minuten worden uitgedrukt, terwijl in de katholieke scholen bezielde personeelsleden zich gratis en voor niets inzetten ! Lang geleden konden de katholieke scholen rekenen op de kloosters, “nonnekens en pastoors” om gratis bij te springen, maar het cliché bestendigen met een moderne variant “bezielde personeelsleden” is te kort door de bocht.
Hij weet ook blijkbaar niet dat de prestatieregeling voor de personeelsleden in het onderwijs wettelijk vastligt en geldt voor elkeen ongeacht het net !
Graag genuanceerde expertise in plaats van clichépraat

31 03 2011
Wilfried Wouters

Uit dit interview blijkt duidelijk dat de NV-A een separatistische agenda heeft. De volksidentiteit staat centraal. Dit is echte “volksverlakkerij” die indertijd ook Hitler en zijn SS-ers predikten. De eigenheid van een bevolking kan je immers niet verengen tot de eigen taal en Cultuur. Wij leven immers in een regio, land, Europa…en onze uitstraling overschrijdt landgrenzen. Het is tevens pijnlijk vast te stellen dat men een tegen-stelling creëert tussen Vlaanderen en Wallonië. Een tactiek met racistische ondergronden.

In deze context refereer ik graag naar de nota van Johan Vandelanotte die pleit voor een Federale overheid met vier sterke gemeenschappen.
Dit houdt tevens in dat een buffer kan opgebouwd worden tegen de afbraak van de solidariteit tussen alle werknemers en een rechtvaardige fiscaliteit kan ingevoerd worden.

Bovendien pleit deze politieke partij nog voor een aantal verwerpelijke opties die ergens
het interview omfloersen. Wij citeren er enkele:
– de samenwerking met VOKA (een middenstandsorganisatie)van wie het programma in tegraal wordt overgenomen. Men wenst de vennootschapsbelasting te splitsen en belastingen op hoge vermogens worden uitgesloten.
– de invoering van flexibele arbeidstijden is een must! De werknemer wordt nog méér een speelbal van de patroons.
– van het principe gelijk loon voor gelijk werk moet worden afgestapt.
– het brugpensioen (sociaal vangnet) moet worden afgeschaft en de pensioenleeftijd opgetrokken tot 65 jaar.
– het systeem van de werkloosheidsuitkeringen moet worden beperkt in de tijd! School verlaters krijgen geen uitkering méér:van wat moeten ze dan leven? Men sanctioneert i.p.v. ondersteuning.
– men ijvert voor de afscchaffen van de vakbonden en mutualiteiten en nog veel andere a-sociale initiatieven.

Deze opsomming uit de verkiezingsprogramma’s van deze partij kan nagelezen worden in de uitstekende brochure van het ABVV:”De N-VA anders bekeken “.
Is dat nu het sociaal engagement van Siegfried Bracke? Daarenboven vergeten wij de
leugens niet i.v.m. zijn lidmaatschap bij de SP en zijn aktieve medewerking bij “doen”?
Wees correct en draai ons geen rad voor de ogen. En nopens je medewerking in de commissie “pedofilie” hebben wij nog niet veel gehoord of gelezen. Afgeven op “de papen”.
Zielig. Volkverlakkerij. Maar ondertussen heb je het wel voor mekaar gebracht je job van
journalist te ruilen voor de méér lucratieve seat van parlementair. “Geld kan veel in beweging brengen” zegt het spreekwoord. Humanistische waarden houden echter stand tegen alle stormen in.

31 03 2011
Ivan Basyn

Siegfried pleit in het artikel onschuldig over de “onderbreek en soundbite-cultuur”. Of beter gezegd: hij ontwijkt de opmerking door enkel op deel 1 van de tweeledige vraag te antwoorden. Dat heb je als je als interviewer twee vragen in één stelt. Een ouwe rot als Siegried moet je dan de ontsnappingsroute niet tonen.
Blijft dat ik me, als zoveel anderen, mateloos erger aan de soundbites, waarvan het onderbreken slechts een techniek is. Het loont echt de moeite zo een interview eens letterlijk uit te tikken. En steeds is de conclusie dat enkel de vraag duidelijk is en het antwoord in het beste geval (ironisch) niet meer is dan een vlug gedebiteerde slogan.
Als Siegfried het heeft over gemiddelden en daarmee verwijst naar de bredere stukken wordt het tijd dat hij eens naar die bredere stukken kijkt. Bedoelt hij de 7e dag, Volt, …. Ook daar heerst de onderbreek-cultuur, het-grote-gelijk van de interviewer. Samen met de stand-up (comedian) die geen enkele meerwaarde biedt – hij/zij herhaalt louter wat we ook weten zonder die stand-up – zijn het symbolen van de aftakeling van de informatie. En wie niet geïnformeerd wordt, ik weiger de nieuwsuitzendingen nog langer als informatief te beschouwen, gaat makkelijk over tot de ongenuanceerde schreeuwcultuur die we op internetfora vinden.

14 04 2011
Benjamin

Ha! Drie keer onder een andere naam reageren, hoe flauw!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




%d bloggers liken dit: