Internet doorbreekt de omerta over mediacrisis

5 03 2009

Verontruste professoren schreven samen met de algemeen secretaris van AJP (Association des journalistes professionnels) een vlammend opiniestuk over het brutale ontslag van de hoofdredactrice en drie journalistes van het weekblad Vif/L’Express. Maar zowel le Soir als La Libre Belgique weigerden het stuk. Een mooi voorbeeld van de omerta in de media over de eigen crisis. Het opiniestuk maakte furore op het internet en werd uit eindelijk toch gepubliceerd door La Libre Belgique. Le Soir zag zich verplicht in een artikel uit te leggen waarom het niet gepubliceerd werd.

Op een meeting over de crisis in de media (14/02) hekelde Marc Van de Looverbosch, voorzitter van de Vlaamse Vereniging van Journalisten de zwijgplicht in de media. Volgens Van de Looverbosch is er in een aantal gevallen zelfs sprake van censuur door hoofdredacteuren die niet willen dat het thema in hun krantenkolommen aan bod komt. Het geweigerde opiniestuk over de problemen bij Le Vif is een mooi voorbeeld van die omerta. Zes professoren, een oud-medewerker van RTBF en de algemeen secretaris van de Franstalige journalistenbond waren verontwaardigd over het ontslag van vier journalistes van Le Vif. De vier – die samen 55 jaar anciënniteit hebben – werden per sms ontboden, de mededeling van hun ontslag duurde drie minuten en ze kregen op een zaterdag twee uur de tijd om in aanwezigheid van de bewaking hun archief op te halen.

De tekst herleidt het debat tot een clash tussen stoute uitgevers en journalisten. En dat is een beetje kort door de bocht, vond de hoofdredactrice van Le Soir Béatrice Delvaux. Ambigu en een amalgaam, vond de hoofdredacteur van La Libre Belgique Michel Konen. Het opiniestuk werd dan maar duchtig rondgemaild en op blogs en sites geplaatst. De buzz was zo groot dat La Libre Belgique het stuk uiteindelijk toch plaatste op 29 januari. Le Soir wijdde er dan maar een artikel aan met de uitleg van Béatrice Delvaux waarom de mening van de verontruste professoren en journalisten niet welkom was. De Nederlandse versie vindt u hieronder.

Een journalistiek in het gelid
Het brutale ontslag zonder reden van vier ervaren journalisten van het weekblad Le Vif/L’Express is niet zomaar een spijtige wending in een groot bedrijf zoals er helaas elke dag gebeuren in dit land. Het aan de kant schuiven van medewerkers die tot twintig jaar anciënniteit hebben binnen het magazine en die er mee de waarden en de reputatie van hebben gesmeed, komt in dit geval neer op een zuivering waarvan de intenties zorgwekkend zijn voor de redactionele vrijheid van Le Vif en voor de journalistiek in het algemeen.

De directeur van Le Vif/L’Express die zich eerder bij Trends/Tendances liet opmerken door een neiging om C4’s uit te delen en die bij Le Vif al aan 6 ontslagen, 2 journalisten die vertrokken en 2 verplichte overplaatsingen zit, heeft het zelf gezegd: geen enkele economische reden heeft hem verplicht om de hoofdredactrice en drie gespecialiseerde redactrices de laan uit te sturen. De directie roept slechte relaties tussen de redactieploeg en de hoofdredactrice in. Aangezien de directie er niet in geslaagd is om die problemen op te lossen koos ze dan maar voor de meest radicale manier om er een einde aan te maken. Het voorwendsel is niet alleen licht maar slaat bovendien ook niet op alle betrokken journalisten. Uit de wals van ontslagen die bij Le Vif drie jaar geleden werd ingezet, spreekt een constante obsessie: de redactie van het belangrijkste algemene nieuwsmagazine in de Franstalige gemeenschap in het gelid doen lopen. Een redactie die juist haar geloofwaardigheid had gebouwd op een totale onafhankelijkheid van analyse en oordeel zowel tegenover de eigen aandeelhouders – de Vlaamse groep Roularta – als tegenover de politieke en economische machten binnen de Belgische samenleving.

Meer dan twee decennia lang kon Le Vif/L’Express een veeleisende journalistiek verdedigen, bezorgd om de pertinentie en het nut voor de lezers van de onderwerpen die werden aangeraakt. In naam van die ethiek kon het wel eens nodig zijn om een adverteerder boos te maken, om een minister tegen de schenen te schoppen of om een thema aan te snijden dat moeilijker te verkopen is. Dat was niet meer vanzelfsprekend van zodra de directie van Roularta, verontrust door een lichte daling van de verkoop, overtuigd raakte dat ervaren journalisten vervangen moesten worden, dat alle hoofden die er boven uitstaken moesten worden afgehakt en dat gehoorzaamheid aan de economische eisen van het bedrijf de nieuwe geloofsbelijdenis moest worden.

De uitgever van Le Vif is niet de enige die zo zijn redactie het vermogen ontneemt om zelf de prioriteiten vast te leggen en de actieradius te bepalen. Zowel in België als daarbuiten kiezen al te veel ondernemers er voor – soms in naam van economische moeilijkheden – om de inhoud te verarmen, het personeelsbestand in te krimpen, de onafhankelijke geesten en kritische pennen aan de kant te schuiven, onstuimige talenten in te tomen en de voorkeur te geven aan onderdanige hoofdredacteurs.

Le Vif/L’Express is het enige algemene weekblad met een ruime verspreiding in de Franstalige gemeenschap. Diegenen die het van binnenuit ontmantelen dragen een grote verantwoordelijkheid tegenover de hele publieke opinie.

Bovenop de zorg voor de toekomst van de ontslagen journalisten maar ook voor hen die blijven, komt de verbazing over de sociale brutaliteit: de vier journalisten werden ’s avonds per sms ontboden om ’s morgens in alle vroegte de bons te krijgen en het verbod om nog langs te komen op de redactie om hun persoonlijke spullen op te halen. De zaterdag daarop kregen ze daarvoor twee uur onder het toeziend oog van de bewaking. Welke grote fout, welk misdrijf hebben zij gepleegd om zo’n misprijzen te verdienen? Niets rechtvaardigt zo’n geweld in de sociale relaties die in dit geval gepaard gaat met een echt misprijzen voor het arbeidsrecht en contrasteert met het imago van het vredige familiebedrijf dat Roularta zo graag koestert. De reactie van de redactie van Le Vif die zes dagen staakte en de onvoorwaardelijke steun van de journalistenbond en de vakbonden toont aan dat de grenzen van het toelaatbare werden overschreden.

De financiële crisis, de val van de reclame-inkomsten, de technologische diversifiëring van de media en de investeringen die daarmee gepaard gaan kunnen nooit rechtvaardigen dat de journalistiek herleid wordt tot enkel haar economische waarde, dat de journalisten niet langer de waakhonden van de democratie zijn maar de vlijtige soldaten die geformateerde inhouden moeten verkopen om te voldoen aan de commerciële eisen op korte termijn.

Wij hebben ervaren, vrije en onafhankelijke redacties nodig die bovendien voldoende groot zijn. Zoals we ook meer nood hebben aan denkvermogen, ervaring en journalistieke cultuur dan aan extreem gevulgariseerde bladen die zoveel mogelijk mensen moeten behagen. Het gedrag van bepaalde managers en de besparingsplannen zowel in het noorden als het zuiden van het land gaan niet in die richting. Onze media moeten hun intellectuele capaciteiten behouden: respecteer dus de journalisten!

Auteur: Christophe Callewaert
Dit verscheen eerder op indymedia.be

Originele tekst op agjpb.be aan de hand van
Pascal Durand (ULg), Benoit Grevisse (UCL),
François Heinderyckx (ULB), Claude Javeau (ULB),
Jean-Jacques Jespers (ULB), Hugues le Paige (revue Politique),
Gabriel Ringlet (UCL), Martine Simonis (AJP), Marc Sinnaeve (Ihecs)


Acties

Information

One response

10 07 2010
burn DVD

Anything similar.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s




%d bloggers liken dit: