Versterven is een natuurlijke dood

13 08 2007

De grote aula Pieter De Somer in Leuven liep gisteren helemaal vol met zorgverleners uit de palliatieve diensten, uit de woon- en zorgeenheden voor bejaarden en ook met huisartsen en andere hulpverleners die mensen bij het stervenseinde begeleiden. Rode draad van de studiedag: wat als terminaal zieke of hoogbejaarde mensen niet meer willen of kunnen eten?

‘In vergelijking met euthanasie, waar slechts een procent van de stervenden om vraagt, is dit een alledaags en courant probleem, waarover veel gedebatteerd wordt’, zegt professor Johan Menten, radiotherapeut, voorzitter van de researchgroep van de Vlaamse Federatie voor Palliatieve Zorg en coördinator van de palliatieve zorg in het UZ Leuven.

Wanneer en hoe doet het probleem zich voor?

‘In de palliatieve zorg gaan mensen almaar achteruit. Wanneer ze een kwaadaardige ziekte zoals kanker hebben, kan dat in schokken verlopen. Met een goedaardige aandoening in een terminale fase, zoals dementie, nierfalen of een chronische longobstructie, gaat het langzamer. Maar vroeg op laat doet het probleem zich voor dat de patiënt niet meer kan eten.’

‘Het is vaak pakkend om te zien hoe familieleden en verzorgenden dag in dag uit bij de hoogbejaarde gaan zitten om die lepeltje per lepeltje te voederen, met een puddinkje hier en wat krachtvoer daar. Dat is mooi, maar aan de andere kant: als de patiënt het niet meer kan, als hij zich aldoor verslikt en daardoor herhaaldelijke longinfecties krijgt, moeten we ons afvragen of het nog zinvol is.’

Dan kan er overgeschakeld worden naar kunstmatige voeding.

‘Het is een ethisch dilemma. Via een sonde in de maag kan men zo iemand voeden. Maar dan mist die wel de smaak. Net zoals wanneer je de voeding rechtstreeks in de bloedbaan brengt of via een PEG-sonde in de maag. De medische techniek kan die slechte-kwaliteitlevens wel rekken, en soms ziet de familie of de patiënt zelf dat graag gebeuren. Maar er zijn ook heel veel mensen die tegen hun zin kunstmatig gevoed worden, die liever zouden sterven. In de praktijk is het zo dat men in een ziekenhuis meestal tot kunstvoeding overgaat, en in de palliatieve zorg niet. Daar bouwt men ze zelfs af in de aanloop naar het sterven.’

Stoppen met eten en drinken is een onderdeel van het sterven, zegt u. Hebben die mensen dan geen honger of dorst?

‘Nee, dat is een misverstand. Die mensen eten of drinken niet meer omdat ze al aan het sterven zijn. Hen voeden en vocht toedienen vertraagt dat proces, wat soms wenselijk kan zijn om familiale redenen. Maar kunstmatige voeding heeft ook nadelen: het lichaam zwelt op wegens teveel vocht, ze krijgen meer slijmen in de longen, waardoor ze luidruchtig en reutelend gaan ademen, ze moeten meer hoesten, etc. Het onthouden van vocht is dan heel wat comfortabeler.’

‘Een studie in Oregon bij 100 patiënten die zelf besloten om te stoppen met eten en drinken, wees uit dat slechts één op acht terug ging drinken, van wie de helft vanwege de dorst. De andere helft deed het onder druk van de familie, die het niet kon aanzien. De studie wees ook uit dat de mensen die stopten, binnen de twee weken stierven. En dat ze een goede en pijnloze dood stierven.’

U zegt het zelf: de familie kan het vaak niet aanzien. Emoties rond het sterfbed kunnen hoog oplaaien.

‘Zowel de familie als de hulpverleners zijn vaak verdeeld in twee kampen, van hardnekkige voor- en tegenstanders. Zij die voor kunstmatig voeden opteren, vinden het vaak ‘schandalig’ dat je zo’n patiënt ‘aan zijn lot overlaat’. Wij willen informeren over de wetenschappelijke argumenten voor wel of niet voeden. Het publiek moet weten dat iemand die niet eet of drinkt, niet crepeert van de honger of de dorst.’

‘Er moet wel voor een goede mondhygiëne worden gezorgd: de lippen nat maken met een washandje is niet genoeg, ook de mondslijmvliezen moeten met druppels of ijsschilfers bevochtigd worden. Dat is een arbeidsintensieve opdracht.’

Wat is nu de conclusie van dit congres?

‘Dat we niet zwart-wit moeten denken. We moeten niet zover gaan als Nederland, dat landelijke richtlijnen heeft uitgevaardigd. We pleiten voor een doorgezette individuele zorg, op maat van de patiënt.’

‘Wat de patiënt zelf denkt, is uiteraard ook heel belangrijk. Als die niet kunstmatig gevoed wil worden, mag de arts het ook niet doen. Maar als die een traumatisch verleden heeft, bijvoorbeeld als kampgevangene onder het nazi-regime, dan is het psychologisch onhoudbaar om zo iemand te laten ‘versterven’. Ook al is het dan een heel natuurlijk proces.’

‘Weet u, in mijn 25-jarige praktijk als arts heb ik het heel vaak meegemaakt dat patiënten zeggen: ‘Ik heb even van het eten geproefd om mijn vrouw/partner/kinderen een plezier te doen. Ik doe het alleen voor hen. Voor mij hoeft het eigenlijk niet meer.’ Het aantal mensen in een terminale fase dat mij gevraagd heeft om terug kunstmatige voeding of vocht te krijgen, kan ik op minder dan de vingers van één hand tellen. Daarentegen, de mensen die mij vragen om eens met de familie te praten, om deze te vragen hen niet meer te pushen voor het eten, kan ik op al mijn vingers en tenen niet tellen. Dat zijn er vele honderden.’

Veerle Beel, De Standaard, vrijdag 01 juni 2007

Advertenties

Acties

Information

4 responses

7 01 2008
Lydia

Ik moet voor mijn opleiding een scriptie maken. Ik heb als onderwerp gekozen voor versterving.

Ik zou u willen vragen of u naast de publicatie nog meer of andere informatie over versterving, of informatie wat direct verband houdt met mijn scriptieonderwerp.

Met vriendelijke groet,

Lydia Mulder

26 04 2008
Lucienne van Dam

ik hebnet een verhaal in het boek “sterven op verzoek”geschreven door Corrie Koppedraijer, ISBN 90-5805-018-1, gelezen over broeder L. Dat kan ik je van harte aanraden. Pagina’s 125 tm pagina 138.

3 06 2008
Ria Geraerts

Ik denk dat wij de dood nog altijd als een “schrikbeeld” ervaren en het daarom zoveel mogelijk voor ons uit schuiven. Logisch ook. Als je volop in het leven staat zit je in de “levensfase” en leef je graag (of niet 🙂 ) Als je in de stervensfase zit sta je er alleen voor maar je zit er wel “in” Als we de dood meer toelaten in onze gedachtenwereld en het zien als een natuurlijke overgangsfase kunnen we ook meer verdragen dat onze geliefde aan het sterven is. In feite moeten we ons daar niet mee bemoeien. iemand sterft als hij daar klaar voor is, tenminste in die eindfase… Als familie mag je aanwezig zijn bij dat sterven, dat is een voorrecht. Hoevel mensen worden niet “weggerukt” uit het leven? Er is een begin en een eind. Daar kunnen we niet omheen. Wij houden ons krampachtig aan het leven vast maar misschien is de dood zeker zo leuk. Maar om dat te weten? Daar eten wij mensen te weinig voor!!

28 12 2008
D. Kempff

Mijn oma heeft wederom de zware griep te pakken en zegt nu dat ze niet wil drinken of eten. Niets smaakt zegt ze. Kan dit gezien worden als onderdeel van het versterven? Als je haar aangeeft als je niet eet of drinkt dan weet je wat er gebeurd, dan haalt ze de schouders op. Maar kan ze zich weer zo oppeppen dat ze ineens weer op de gang loopt (met gevaar om te vallen, want echt stabiel is het niet). Wat kun je hier het beste aan doen? Het dilemma bij iemand van 90 jaar: ga je nog iemand laten opnemen om haar leven te rekken? of zeg je het is zo goed geweest? Zelf zal ze hier namelijk nooit een uitspraak over doen! Ik zou heel graag zo spoedig mogelijk een reactie van u vernemen. Overigens goed om te weten is dat ze gisteren nog veel pijn in haar rug had en voortdurend hoest. Dat gaat moeilijk, omdat ze een paar tia’s heeft gehad en de controle over haar slokdarm niet volledig heeft! Het bejaardentehuis waar ze zit is helaas waardeloos en let niet goed op.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




%d bloggers liken dit: