“Het is niet dat ik niet meer wil leven. Het is dat ik niet meer zó wil leven”
In Vlaanderen plegen relatief zeer veel mensen zelfmoord en toch blijft daarover praten nog altijd taboe. HVV, dat liever over ‘zelfdoding’ spreekt, wil dit taboe en het eenzijdige discours van louter preventie doorbreken. Wel met begrip voor de pijn van de nabestaanden, maar tevens met respect voor hen die de beslissing namen uit het leven te stappen. Als vereniging wensen wij in te zetten op zingeving en gemeenschapsvorming en op het door-denken van zelfdoding. Alvast een begin hiertoe via onderstaand interview met een persoon die recent een mislukte poging heeft overleefd. De persoon in kwestie wou anoniem blijven. De voornaam is fictief.
Het Vrije Woord: Je hebt een tijdje geleden een ernstige poging ondernomen om zelfmoord te plegen maar dat is niet gelukt. Bij zelfdoding is bij veel mensen de eerste vraag: “Waarom toch?” Kun je hierop nu, na je poging, een antwoord formuleren?
Marleen: Ik denk dat het voor veel mensen wel duidelijk zou zijn, maar begrijpelijk of aanvaardbaar? Al die jaren vechten om ‘normaal’ te worden, al die emoties of gebeurtenissen die ik maar niet kan of wil plaatsen, het niet vinden van een levenszin of -doel, het niet vinden of kunnen aanvaarden van mezelf, de ‘psychiatrische’ ‘problemen’, altijd maar verschillende ‘diagnoses’,… En nu zou ik een persoonlijkheidsstoornis hebben die verschillende van de vorige ‘diagnoses’ bevat, namelijk borderline. En dan de psychiatrische opnames, het niet weten of willen wat doen, faalangst, geen zelfvertrouwen, geen zelfbeeld, steeds alles in twijfel trekken, te veel interesses,… Nu vastzitten door de jarenlange invaliditeit maar eigenlijk niet meer kunnen, paniekaanvallen, concentratieproblemen, geheugenproblemen, isolement door schaamte ‘het leven niet aan te kunnen’, constant vechten om op te staan, verder doen, ‘normaal’ willen doen, niets willen laten merken aan de buitenwereld – maar dit werd steeds moeilijker, vandaar mijn bewuste isolatie – , gebrek aan steun, de (eigen) druk het zelf te moeten kunnen of doen, enorme zelfhaat, mezelf een ‘alien’ voelen, de ‘overtuiging’ dat ze beter af zouden zijn zonder mij, aangezien ik vroeger altijd alles deed en nooit nee zegde, voor mijn broer, mijn nichten, maar nooit voor mezelf iets deed en nu niets meer kan en me compleet van hen afsluit, heel veel onbegrip. Maar moet je constant leven naar ‘verwachtingen’ en steeds ‘aanpassen’ en ‘ja-knikken’, doen alsof alles ok is, niet laten merken dat je je daar niet goed bij voelt… Is het inderdaad egoïsme als je dat niet meer wil? Verwendheid? Werkt het leven nu eenmaal zo? Heb ik wel psychiatrische problemen? Ok, ik had een behoorlijk problematische kindertijd en er zijn héél veel ‘abnormale’ gedragingen. Maar al die diagnoses, alle therapieën, het helpt allemaal niet… Of wil of kan ik me niet laten helpen? Werk ik tegen, wil ik deze toestand in stand houden, hoe ondraaglijk die ook is? Heb ik te veel angst voor verandering? Ben ik compleet verkeerd bezig en zit ik vast in de ‘medische’ mallemolen? Maar wat is het alternatief? En inderdaad dan ‘kies’ ik voor de dood. Ik ben het vechten zo moe…
HVW: Zeer moeilijk is ongetwijfeld het feit dat de poging mislukt is. Kun je iets meer vertellen over hoe je je voelt bij het feit dat je nog leeft?
Marleen: Dat is zeer moeilijk te beschrijven. Ik voel me gevangen in het leven. Ik heb nog meer gefaald want zelfs dat kan ik niet, uit het leven stappen. De plannen en gedachten van hoe ik het toch in hemelsnaam definitief zou kunnen doen, blijven constant spelen. Maar ik moet deze bannen van de psychiater want het zou “maar een symptoom” zijn en geen èchte wens! Men zegt mij dus dat mijn zelfmoordneigingen symptomen zijn waar ik vanaf moet. Maar ik kan maar kiezen voor het leven als er zin is. “U mag dat niet voeden”, zegt de therapeute. “Daarom wil ik er met u niet over praten. Omdat dat uw gedachten alleen maar voedt.” Dan zeg ik: “Maar ja, door er misschien juist over te praten, kan u me tonen dat het niet hoeft?” “Neen!”, zegt de therapeute. Dat wil ze dus niet. Het is gewoon een symptoom. Ik moet dat aanvaarden. Het is zoals het is. En ik mag daar niet op ingaan. Zoals in de mindfulness, weet je wel: je laat je gedachten passeren (lacht) en je geeft er geen aandacht aan. Zèèr gemakkelijk allemaal.
HVW: Geslaagde zelfdodingen hebben natuurlijk met de sterkte van het motief te maken, maar ook met de gebruikte middelen. Welk middel heb jij gebruikt en is er dan een verband met het feit dat de poging niet gelukt is?
Marleen: Ik ben niet zo zeker of het slagen te maken heeft met de sterkte van het motief. Het moest nu ècht lukken. Het was mijn best geplande poging ooit, met ‘back-up’! Eerst heb ik me op verschillende plaatsen proberen op te hangen in mijn appartement. Dat kon alleen aan de lampen en die zijn allemaal losgeschoten… Ik was duidelijk te zwaar dus. Dan de ‘back-up’: alle medicatie ingenomen die ik liggen had, en dat was wel een pak, want ik had net al mijn nieuwe voorschriften opgehaald. Niet met de bedoeling daardoor te sterven, want dan had ik er enkele andere zaken moeten in steken, maar met de bedoeling zo snel mogelijk bewusteloos te worden of in slaap te vallen, wachten tot je je voelt ‘wegzakken’. Dan de zak over het hoofd, stevig vastknellen en dan zou ik bewusteloos moeten geworden zijn of in slaap moeten gevallen zijn alvorens te stikken. Op de een of andere manier werd ik toch weer alerter. De angst, de adrenaline? In ieder geval raakte ik serieus in paniek toen ik begon te stikken. Bewust stikken is verschrikkelijk en dan heb ik in paniek de zak stukgescheurd. En dan nog meer paniek: al die pillen… niet dodelijk, maar welke effecten? Want dat is mijn grootste angst bij het plannen: niet slagen maar achteraf met zware gevolgen zitten. Dus uiteindelijk maar de 112 gebeld, nog naar beneden kunnen gaan, daar heel fel beginnen braken – wat blijkbaar mijn ‘geluk’ geweest is - en dan bewusteloos gevallen. Ik hoorde wel net de ambulance en de MUG aankomen. Dan is het een gat tot in de spoed en de dreiging tot collocatie, zeker aangezien ze ook mijn automutilatie hadden gezien en de ‘ernst’ van de poging… Alles was ook gepland qua achteraf ‘gevonden worden’ en zo. Dat het niet iemand zou zijn die me kende.
HVW: Een van de cruciale kwesties bij preventie van zelfdoding gaat over de alternatieven: wie overgaat tot zelfdoding, ziet geen alternatieven meer. Klopt dat? Hoe zit dat bij jou?
Marleen: Ik zie inderdaad geen alternatieven meer. Ik voel me gevangen in het leven en vooral in het eerder genoemde ‘vastzitten’ door de jarenlange invaliditeit.
HVW: Zin, zingeving en een zinvol bestaan, met daarbij letterlijk een gevoel van voldoening, van erkenning. Is het zo dat die twee facetten zouden maken dat, als je die vindt en voelt, je eindelijk af bent van dat zogenaamd symptoom, van die zogenaamde goesting om er niet meer te zijn?
Marleen: Ik denk het wel, maar het probleem is dat je daar maar met heel weinig mensen, zoniet met niemand kunt over spreken. Aan de Zelfmoordlijn hoor ik te dikwijls gekende clichés, maar ook ongehoorde reacties. “En waarmee kunnen we u helpen?” en “U zal het nu wellicht moeilijk hebben…”. Dan gooi ik de telefoon dicht! In de therapeutische setting leven nog vooroordelen in de trant van “Zelfmoord plegen is egoïstisch.” en “Je leven staat in dienst van anderen.” What the hell!? Wat ik nodig heb, heeft te maken met zingeving en met ernstig ingaan op mijn zelfmoordneigingen. Dat vind ik niet in de wereld van de therapeuten. Het is niet dat ik niet meer wil leven. Het is dat ik niet meer zó wil leven. Het samen verder en dieper exploreren van de doodswens is ontzettend belangrijk voor suïcidepogers. Dat wordt te weinig gedaan in de zelfmoordpreventie.
HVW: Geloof jij zelf dat iemand echt kan verlangen naar de dood, echt liever en langdurig kan willen er niet meer te zijn, veel liever dan er wel nog te zijn? Dat ‘er niet meer te zijn’ voor betrokkene eigenlijk beter is dan ‘er wel nog te zijn’?
Marleen: Héél overtuigd ja!
HVW: Er wordt maatschappelijke druk uitgeoefend op mensen. Stel dat die druk minder wordt of wegvalt. Zou je je dan beter voelen en is dat een voldoende reden voor jou om toch voor het leven te kiezen?
Marleen: Dat is het juist wat ik nu aan het zoeken ben. Het bizarre is dat ik wel blijf zoeken. Vooral door veel te lezen… Ik lees gigantisch veel. Ik zoek enorm. Ik wil er wel ergens zijn, voor mijn broer bijvoorbeeld. Hij verwacht nu een tweede kind en hij zet daarmee zoveel druk op mij… Hij zegt dan: “Doe het dan voor die kinderen. Je ziet zo graag kinderen.” Daar komt nog bij dat ook een vriendin van mij zelfmoord heeft gepleegd. Ik heb er alles aan gedaan om haar ‘tegen te houden’. Dat zit in elke mens, zeker? En net op die dag was het dan weer een jaar geleden dat haar vriend zelfmoord had gepleegd. Ik krijg er weer helemaal kippenvel van. Nu heb ik echt zoiets van: “Ik wil het eens een kans geven, zodanig dat de zelfmoord van mijn vriendin niet helemaal voor niets is geweest.” Of dat een goeie motivatie is of niet, weet ik niet.
HVW: Kristien Hemmerechts schrijft in haar boek ‘De dood heeft mij een aanzoek gedaan’ het volgende: “Ik ben een blanke vrouw van drieënvijftig en ik overweeg mijn leven af te ronden. Voilà, het staat in al zijn kuisheid op papier. We plegen geen zelfmoord, we ronden het af.” Wat roept dat bij je op?
Marleen: Jaloezie! Maar ik zou het zo graag kunnen afronden met ‘begrip, aanvaarding en steun’ van mijn familie, vooral van mijn broer. Dat ik afscheid zou kunnen nemen en dat hij er ook een zekere vrede in vindt.
HVW: Wat vind je van iemand die zegt “Er scheelt niets met mij, ik ben kerngezond en toch wil ik eruit stappen.” We kunnen deze situatie ‘levensmoeheid’ noemen. En vind je dat iemand hulp bij zelfdoding moet kunnen krijgen in zo’n geval?
Marleen: Zéér moeilijke vraag… Voorlopig heb ik daar geen antwoord op.
HVW: Hoe sta je tegenover andere mensen die zelfdoding overwegen: heb je het gevoel die mensen te willen helpen of heb je eerder het gevoel ze gelijk te willen geven?
Marleen: Eigenlijk beide… Ergens heb ik de neiging om te proberen alternatieven te helpen zoeken. Niets opleggen of zeggen “Je hebt toch dit of dat!?” Maar ook zeer veel begrip tonen en proberen het te willen verstaan. Maar hen gelijk geven is nog iets anders… Ik wil daar zeker bij niemand op aansturen of zo… Wel hen proberen te begrijpen en te steunen, maar over de keuze of beslissing heb ik geen recht van oordelen.
HVW: Is het zo dat een zelfmoord in de meeste gevallen geen kwestie is van een ‘rationeel weloverwogen besluit tot afronding van het leven’, maar veeleer een ‘emotioneel geen uitweg meer zien en dus radicaal dit leven stopzetten’?
Marleen: Volgens mijn psychiater wel en dat moet ik zo in mijn hoofd ‘programmeren’. Volgens mij kan het echter wel een zéér rationeel weloverwogen besluit zijn. Eerlijk gezegd is het bij mij wel gebaseerd op allerlei ‘emotionele onmogelijkheden’… De kunst is voldoende metgezellen-mensen te vinden om zo samen zinvol de weg van het leven op te gaan. Dan voel je pas hoe hard je de anderen eigenlijk nodig hebt. Terwijl ik al heel wat jaren enorm afgezonderd leef en de enige mensen die ik zie de therapeuten zijn, die dan nog niet aan mijn verwachtingen voldoen want waarmee ik nog niet kan praten over de dingen waar ik eigenlijk zelf wil over praten… Maar ik ga iets moeten doen, hè. Desnoods gebruik ik even zenmeditatie. Maar als ik ooit op een levenspad ga geraken, ga ik wel bij iemand moeten gaan die aandacht besteedt aan zingeving en zo van die dingen, want bij therapeuten vind ik het niet. Therapeuten gaan mij niet op het levenspad krijgen.
HVW: En wat dan met hulp bij zelfdoding: is dat gepast of net ongepast? Voor wie kan het wel nuttig zijn en voor wie niet?
Marleen: Zéér moeilijke vraag natuurlijk. En ik ben serieus bevooroordeeld. Ik zou het wel gepast vinden omdat je dan ‘zekerheid’ hebt en geen risico loopt op ‘nare gevolgen’. Maar nuttig voor wie? Zeker voor (fysisch) ongeneeslijk zieken en dergelijke, ouderen in ‘onleefbare’ omstandigheden, maar waarom ook niet voor mensen met zwaar psychisch lijden?
Peter Algoet, Coördinator Cel Educatie en Maatschappij van HVV.
Discussieer mee